Maak kennis met Herman Kattemölle: de nieuwe stadsdichter van Apeldoorn

Zondag 26 januari 2020

Door Ben Eggermont

De jaarlijkse Gedichtendag valt dit jaar op donderdag 2630 januari. Bij deze gelegenheid zal in het Auditorium van het CODA museum de nieuwe Stadsdichter Herman Kattemölle zich voorstellen. Hij stelt zich alvast even voor aan de lezers van Apeldoorn Direct.

Stadsdichter van Apeldoorn, hoe is dat zo gekomen?

„Het is een beetje wonderlijk gegaan. Ik deed een cursus bij Ingrid Blijenberg van ‘Blij met taal’. Eigenlijk met als doel de technieken weer eens op te halen en de dichtkunst meer te verwerken in mijn liedteksten; ik schrijf mijn hele leven al liedjes. Na een paar lessen, attendeerde ze me op de vacature ‘stadsdichter’. Na lang twijfelen heb ik me aangemeld. Ik ben net weer alles aan het verkennen. Toen heb ik me officieel aangemeld. Je moest 2 gedichten inleveren: één over de sinterklaas intocht en het tweede gedicht, dat vond ik veel leuker, moest een welkom zijn voor de burgemeester. Uit het gesprek wat volgde, vanuit mijn achtergrond en wat ik allemaal eerder heb gedaan, ben ik het geworden. En zo is het gekomen.”

Hoe wordt een mens dichter naast, denk ik, vele andere zaken?

„Ik heb veel liedjes geschreven. Wat je, denk ik, een beetje van nature moet hebben is dat je gevoelig bent voor beelden en dat combineren met taal leuk vinden, spelen met taal. Door die combinatie kom je tot een vorm van dichten.”

Kan je het leren, dichten?

„Alleen de techniek. Je kan technieken leren met schilderen, maar dan ben je nog geen goeie schilder. Ik ken mensen die ontzettend technisch zijn op de piano, maar het is geen muziek.”

Wat deed je naast het dichterschap?

„Op een paar jaar na ben ik mijn hele loopbaan directeur geweest van basisscholen. Ik ben begonnen op een experimentele basisschool in Rotterdam na een paar jaar eindigde daar de pilot. Het experiment ging om de samenvoeging van lager- en kleuteronderwijs. Dat ging niet vanzelf, er waren grote cultuurverschillen. Ter afsluiting van het project werd me gevraagd wat liedjes te maken om het een beetje op te vrolijken, dat heb ik toen gedaan. Na afloop zei iemand van het ministerie ‘Daar moet je mee het land in.’ Geen dik rapport schrijven wat je hebt gedaan, maar de boodschap overbrengen in lied en tekst. Ik ben toen vrijgemaakt om een cabaret te schrijven. Dat heette toen ‘Frik’, niemand kent dit woord meer tegenwoordig. Dat heb ik vanaf 1980 bijna  zo’n 30 jaar gedaan. We traden ongeveer een keer in de week op voor mensen die betrokken zijn bij het onderwijs. Alles wat in de ‘Luizenmoeder’ voorbij komt hadden we allemaal al gedaan. Later ben ik nog doorgegaan met de groep ‘Van slag’, dat was muziektheater. Daarna werd ik ziek en ben ik gestopt.” 

Welke impact had dat op je leven?

„Ik ben ernstig ziek geweest. In die periode heb ik 15 liedjes geschreven in het ziekenhuis en thuis. Die gedichten/liedjes heb ik ingezongen/ingespeeld en staan nu op SoundCoud. Kortgeleden hoorde ik dat bij een congres in het Catharinaziekenhuis in Eindhoven bij de opening een van mijn gedichten is gebruikt. Het was heel erg fijn om je in die periode op iets te richten. Wat ik met cabaret niet zo erg deed, maar met de liedjes wel. Ze zijn heel persoonlijk en ook universeel. Als ik een lied maak over kaalheid, dan gaat dat niet om ijdelheid, maar dat je je eigenheid kwijt bent. Dat is iets heel anders. Je kijkt in de spiegel en denkt: hier staat iemand anders. Toen ben ik weer meer aan het dichten geslagen. Minder expliciet, maar mijn spotlust blijft. Deze liedjes heb ik uitgebracht onder de titel ‘Goeie morgen meneer Kahler’. Een verpleegkundige begroette me namelijk op een ochtend:Goedemorgen meneer Kahler, eh…meneer Kattemölle’. ”

Over Herman:

Geboren: 31-10-1953

Ouders: beiden overleden

Broers-Zussen: zus (broer jong overleden)

Verliefd, verloofd, getrouwd: getrouwd met Saskia vd Berg

Meest trots op: mijn kleinzoon Mees

Geïnspireerd door: goede films, theaterbezoek, concerten

Hekel aan: mensen die over alles een mening hebben en het gelijk aan hun zijde weten

Gek op: steden bezoeken (favoriete stad: Parijs)

Welk boek lees op dit moment: “De ontheemden” van Amin Maalouf

Waar mogen ze je ’s nachts voor wakker maken: Als ik word uitgenodigd om per direct naar Parijs te gaan

Toekomstdroom: Ik kijk -telkens opnieuw- uit naar de dag van morgen.

Waar liggen je wortels?

„Dat is cabaret. Ik ben begonnen in mijn studententijd met een cabaretgroepje dat heette ‘Zwart op de loer’. Dat is een regel uit een gedicht van Hans Andreus. In de tijd van Don Quishocking  en Ivo de Wijs. In die stijl deden wij aan cabaret, een beetje ‘Poëzie hardop’. En ik heb een paar hele goeie docenten gehad op de lerarenopleiding, die enthousiasmeerden.”

Wanneer schreef je je eerste gedicht?

„Vlak voordat mijn moeder overleed kreeg ik een blaadje van haar en daar stond op: ‘dit is je eerste gedicht’. Ik zat toen op pianoles en had de gewoonte om dingen te veranderen. Ik vond de muziek niet altijd leuk genoeg en mij eerste gedicht was:

Je speelt niet wat er staat,
Maar dit is toch ook mooi.

JE SPEELT NIET WAT ER STAAT.

Dat had ik bijna in woede opgeschreven en volgens mijn moeder was dat mijn eerste vers.”

Heb je nog grote voorbeelden uit de dicht-literatuur?

„Het zit bij mij veel in de hoek van Joke van Leeuwen, Willem Wilmink, Ted van Lieshout voor kinderen. Menno Wegman vind ik ook heel mooi, maar dat is wat serieuzere poëzie. Ik zit vooral in de hoek van ‘light verse’ poëzie.”

Beoefen je nog andere kunstdisciplines naast het dichten?

„Ik schrijf ook theatermuziek, ik heb heel wat geregisseerd. Zo heb ik 52 schoolmusicals geschreven, zowel tekst als muziek. Wel altijd in de context van het onderwijs. En voor een periode van 3 jaar alle producties voor de PCBO (Protestants Christelijk Basis Onderwijs) scholen gedaan. Met een busje met alle techniek, licht en geluid op pad. Samen met Job de Bruijn van de Jachtlaankerk heb ik na mijn herstel het theaterstuk ‘Scherven’ geschreven, gebaseerd op het boek ‘Als ‘t leven teleurstelt’ van Harold Kushner.”

Heb je al een idee hoe je de rol van stadsdichter denkt in te vullen?

„Aandacht geven aan actuele zaken. Mensen die ergens mee bezig zijn; om dat op een bepaalde manier te verklanken en te verworden. Misschien met muziek erbij, dat wil ik eigenlijk heel graag, bijvoorbeeld een zangeres uitnodigen. Het lijkt me erg leuk om met andere disciplines samen te werken. Lezingen geven.”

Wat zijn voor jou inspiratiebronnen?

„Gewoon mensen die iets bijzonders doen of zeggen, actuele gebeurtenissen. Gewoon buiten lopen en ik zie iets geks gebeuren, loensend om me heen kijken. Ik heb veel binnenpretjes over de gewone dingen. Mijn ziekte is ook een echte inspiratiebron geweest, heeft diepgang gebracht.

ONDERWERPEN

Portretten

Onze nieuwsbrief

Elke maandag ons nieuws in de mail?

Meer lezen over cultuur

REACTIES

Elke maandag ons nieuws in de mail?