Apeldoorn krabbelt langzaam weer op, maar ten koste van wat?

Donderdag 27 december 2012

Door StrangeArt

Apeldoorn krabbelt langzaam weer op

Na een financieel fiasco dat de gemeente honderden miljoenen heeft gekost, komt Apeldoorn er langzaam maar zeker weer bovenop. Onder leiding van burgemeester John Berends is een fors bezuinigingsprogramma ingezet. ‘Iedereen gaat het merken.’ Zevende en laatste deel in een serie interviews met burgemeesters in crisistijd.
‘We zijn van de generatie “steeds een stapje erbij”, ook ik was daaraan gewend. Dat kan niet meer. Het gemeentebestuur heeft in Apeldoorn gezegd: híer ligt de lat, verder gaan we niet. Het is fascinerend te ontdekken hoeveel nieuwe energie er dan vrijkomt. Misschien kunnen we met minder geld nog wel meer bereiken.’
John Berends, de nieuwe burgemeester van Apeldoorn, is in mei aan een formidabele opdracht begonnen. Te midden van de economische crisis en extra taken die Apeldoorn van ‘Den Haag’ moet uitvoeren – zorg (Wmo), jeugdhulp en banen voor jong gehandicapten – moet hij ook nog orde in de financiën scheppen. Het vorige bestuur van de stad aan de Veluwerand had zich vergaloppeerd aan grootschalige grondaankopen. De verwachtingen over het aantal nieuwbouwwoningen en nieuwe bedrijven, die zich in de stad zouden vestigen, waren veel te optimistisch. De aankopen bleken onverkoopbaar.
Angst
Het gemeentebestuur had de gemeenteraad te laat, onvolledig en soms bewust onjuist geïnformeerd, constateerde de enquêtecommissie Grondbedrijf in een vernietigend eindrapport. Waarschuwingen van ambtenaren werden door wethouders in de wind geslagen. Sterker, op het stadhuis heerste een sfeer van angst als gevolg van intimidatie door de verantwoordelijke wethouder voor Grondzaken. Begin van dit jaar traden alle vijf wethouders traden af en Apeldoorn kwam onder curatele te staan van de provincie Gelderland. Een strop voor de gemeente met bijna 160.000 inwoners: 200 miljoen euro. ‘Voor wie nog niet wist dat het crisis was. Die weet het nu. Apeldoorn is blut en heeft geld nodig. Oh ja… en u gaat dat betalen!,’ schreef Apeldoorn Direct, een internetkrant voor de stadsbewoners.
Voor de kersverse burgemeester had deze mededeling één voordeel. ‘De sense of urgency onder de bewoners was duidelijk,’ zegt Berends in zijn werkkamer in het stadhuis. Soms moeten burgers worden wakker geschud om ze duidelijk te maken wat financiële stroppen voor hun eigen portemonnee betekenen, weet hij uit ervaring. ‘Dat was in Apeldoorn niet nodig,’ zegt Berends, die unaniem door de raad is gekozen. Wat hij aantrof op zijn eerste werkdag in mei? ‘Een stuurloos drijvend schip. Niet alleen was de kapitein weg, ook de eerste stuurman op de brug. Er moest koers worden gezet naar een nieuwe haven,’ zegt Berends. De burgemeester moest ‘doorpakken’, vonden de bewoners. ‘Apeldoorn moet zich herpakken’, zegt hij zelf.
De opdracht die Berends van de raad meekreeg was helder. De agenda van herstel behelsde: maak schoon schip, los de vastgoedproblematiek op eigen kracht op, voorkom de artikel 12-status en niets mag in het kader van bezuinigingen onbesproken blijven. Een half jaar na zijn aantreden als burgemeester is het financiële gat gedicht. ‘We hebben met twee stuurgroepen veertig tot vijftig grote projecten tegen het licht gehouden,’ legt de burgemeester uit.. Tal van projecten werden geschrapt. De bouwdoelstellingen van woningen en bedrijfsterreinen zijn sterk bijgesteld: tot 2029 worden er niet 13.500 maar 7000 woningen gebouwd en voor bedrijfsterreinen worden niet 191 hectaren maar 85 hectaren uitgetrokken. ‘Uiteindelijk moeten we nog 5,3 miljoen euro wegwerken’, zegt Berends. Dat is gelukt door ‘dwars door de begroting’ te gaan. ‘Iedereen gaat het merken.’
De burgemeester somt op. Er wordt 1 miljoen geschrapt op maatschappelijke voorzieningen in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning. Vermindering van het leerlingenvervoer levert 3 ton op. Beperking van onderwijshuisvesting ook 3 ton. Minder onderhoud van sportvelden en groenvoorziening een half miljoen. Het gemeentebestuur slankt ook af. Van de 1400 ambtenaren zullen er de komende vier jaar 250 moeten vertrekken. Het sociaal plan is klaar. En de gemeente heeft de onroerendezaakbelasting op de eigen woning met 10 procent verhoogd. Verder wenste het bestuur niet te gaan.
Investeren
Tegelijkertijd wil Berends investeren. Bij voorkeur in structuurversterkende maatregelen en in de sociale dynamiek van Apeldoorn – investeringen in mensen. ‘De afgelopen jaren is vooral geld in fysieke projecten geïnvesteerd. Dat geldt niet alleen voor Apeldoorn. We zijn in Nederland teveel georiënteerd geweest op grote projecten zoals het ontwikkelen van nieuwe woonwijken, prestigieuze gebouwen.’ De komende vijf jaar wil Berends vooral burgers in de stad mobiliseren om actief te worden op gebieden waar de gemeente zich terugtrekt. Reinventing our governance noemt de burgemeester dat. Nabuurschap, elkaar helpen, is volgens hem het antwoord. In de elf dorpen op de Veluwe zoals Hoog-Soeren, Loenen en Beekbergen, die ook bij het bestuur van Apeldoorn horen, zijn mensen veel eerder geneigd elkaar te helpen, merkt hij tijdens zijn bezoeken. ‘Die brug moeten we slaan, tussen de mentaliteit in de kleine en grote stad,’ zegt de burgemeester.
Maar wat betekent reinventing our governance in de praktijk met de extra taken die Apeldoorn erbij krijgt van de rijksoverheid? ‘Het is al gaande,’ zegt Berends, die menig initiatief van onderop ziet komen. Zo wordt met het project ‘Talent’ al vooruitgelopen op de decentralisaties. Daarbij wordt uitgegaan van een andere rol van de overheid, van organisaties en van burgers. In een paar jaar tijd zijn al honderden mensen die bijstand ontvangen maatschappelijk actief geworden in de samenleving.
Als voorbeeld noemt hij de maatschappelijke ondersteuning van chronisch zieken en ouderen. Nu de gemeente de huishoudelijke hulp in vakantieperiodes heeft geschrapt, is nabuurschap volgens hem op zijn plaats. ‘Hoe ga je het opvangen? Springt de buurt bij?,’ vraagt hij. ‘We zijn helemaal geprogrammeerd op het overdragen van functies aan organisaties. Ook ik hoor,’ voegt hij er aan toe. ‘Maar je kunt ook zeggen “ik heb vier broers thuis, we verdelen het werk voor moeder”.’
De burgemeester wil niet ontkennen dat er met een toename van vrijwilligerswerk de discussie losbrandt over professionaliteit. ‘Natuurlijk ontstaat er pijn bij mensen die het werk eerder betaald verrichtten, bijvoorbeeld het cateringbedrijf dat de kantine van Omnibus verzorgde, en bij beheerders. Hun werk wordt overgenomen door vrijwilligers.’ Daar heeft Berends nog geen antwoord op, zegt hij. ‘Maar de realiteit is dat de financiële middelen niet toereikend zijn. Ik denk wel eens, dat we ons te sterk betaald hebben geprofessionaliseerd.’
Kanteling
Nederland staat volgens hem aan het begin van een maatschappelijke kanteling waarmee het moet leren omgaan. ‘Door nood geboren wordt er een beroep gedaan op kwaliteiten van mensen, die in het verleden door de overheid zijn overgenomen. En wat me deugd doet, is dat ik bij vrijwilligers en mensen die werken met een uitkering ook de nodige professionaliteit waarneem,’ zegt hij en verwijst naar de vrijwillige brandweer. Tegelijkertijd is Berends druk doende om contacten te leggen met het lokale bedrijfsleven, de economische levensader van de stad. ‘Ik zoek werkgevers op en ze moeten mij ook zien te vinden.’ Dat is hard nodig want bedrijven scheppen banen. De werkloosheid is in Apeldoorn als gevolg van de crisis opgelopen naar 6,5 procent en ook het aantal mensen met een bijstandsuitkering stijgt. Bovendien moet de gemeente in het kader van de op handen zijnde Participatiewet mensen met een beperking (Wajongers), mensen van sociale werkplaatsen en langdurig werklozen aan een baan te helpen. Het kabinet heeft de opbrengst van de maatregel – 1,8 miljard euro in deze regeerperiode – al ingeboekt. Alleen moeten de gemeenten dit de komende jaren nog wel voor elkaar zien te krijgen.
Berends is er optimistisch over. Er mag sprake zijn van economische krimp in Nederland en vooral de bouw en bepaalde industriële bedrijven worden hard getroffen. Maar wat hij ook ziet, is dat veel bedrijven zeer innovatief bezig zijn. ‘Ik doel niet op bedrijven die de landelijke markt bestieren of de Europese. Het gaat bovenal om bedrijven die exporteren naar de “nieuwe wereld”: China, Brazilië, Argentinië. Deze bedrijven denken global, ze zijn booming en ze hebben vaak een sterke sociale doelstelling.’ Deze werkgevers, die vooral in de maakindustrie actief zijn, zullen misschien geen grote aantallen Wajongers opnemen, vervolgt hij. ‘Maar als we de krachten bundelen moet het mogelijk zijn tal van mensen met een beperking verder te helpen.’
Berends ziet ook een andere trend die hem hoopvol stemt. Meer bedrijven halen een deel van de productie uit lagelonenlanden naar huis, zoals Philips die de fabricage van scheerapparaten van China terug naar Drachten haalde. Royal Talens, fabrikant van hobbyverven en potloden, dat het hoofdkantoor in Apeldoorn heeft speelt ook met de gedachte.
‘Deze trend maakt ook deel uit van de kanteling naar een andere wereld waarin we zitten,’ zegt Berends tot besluit. ‘Daar moeten we mee leren omgaan: denken vanuit andere concepten dan waaraan we gewend waren. En we moeten de elasticiteit hebben om terug te kunnen schakelen.’ Grote familiebedrijven zijn daar sterk in, merkt hij op. Snel schakelen: spaarzaam zijn als het goed gaat, zodat in slechte tijden de nullijn voor het personeel kan worden gehandhaafd. Zo zou Berends Apeldoorn ook willen besturen.

Bron: SC Online, 27 december 2012

Onze nieuwsbrief

Elke maandag ons nieuws in de mail?

Meer lezen over politiek

REACTIES

Elke maandag ons nieuws in de mail?