Dromen van Appels – Mijn Weg naar Apeldoorn
Door Bako Sorany

Toen ik net in Apeldoorn kwam, vanuit het AZC uit Leeuwarden, begon mijn fantasie meteen te spelen met de naam Apeldoorn. In mijn gedachten betekende het iets als appel in dromen. Ik dacht zelfs dat de stad Dromen van Appels heette.
Pas later ontdekte ik dat de naam Apeldoorn een historische oorsprong heeft: waarschijnlijk verwijst hij naar een plek waar appelbomen aan een beek stonden. Al in een document uit 792 of 793 werd de plaats genoemd als Appoldro. Dat maakte mijn eigen fantasie alleen maar mooier: mijn droom van appels had diepe wortels, zelfs in de geschiedenis van de stad.
Bij mijn eerste bezoek aan de markt werd mijn gevoel voor appels alleen maar sterker. Overal waar ik keek, zag ik appels: rood, groen, geel, groot, klein, zoet, zuur. Zoveel soorten, zoveel kleuren. En ik sprak toen bijna geen Nederlands, maar dat beeld — appels en dromen — bleef jarenlang warm in mijn hart hangen. Appels waren voor mij iets vertrouwds. Een fruit dat bijna de hele wereld kent, waar zoveel gerechten van worden gemaakt, en dat mensen uit allerlei culturen met dezelfde vanzelfsprekendheid kopen. Ik zag dat allemaal terug op het marktplein in Apeldoorn. En tot op de dag van vandaag koop ik nog steeds veel verschillende soorten appels.
Hoewel mijn fantasie over de naam niet helemaal klopte, heeft de stad Apeldoorn voor mij veel betekend. Apeldoorn heeft smaken, net als appels: soms zoet, soms zuur, soms een beetje bitter. Maar altijd echt. En net als appels is Apeldoorn een mengsel van vele kleuren en culturen. Mensen met verschillende achtergronden, nationaliteiten en geloven wonen hier samen. Juist dat maakt Apeldoorn voor mij zo bijzonder.
Een aantal jaren geleden ging ik terug naar mijn vaderland, Koerdistan. Ik dacht dat ik me daar helemaal thuis zou voelen — en een deel van mij zal zich daar altijd thuis voelen. Maar op een gegeven moment miste ik toch mijn eigen huis: mijn huis in Apeldoorn. Mijn veilige plek. Mijn leven hier. En ook al zie ik de verschillen tussen de Koerdische en Nederlandse cultuur als een rijkdom, soms voel ik me nog steeds een beetje vreemd in mijn eigen Apeldoorn. Vooral omdat sommige mensen mij zien als iemand die niet “echt” uit Apeldoorn komt. Terwijl ik hier al langer woon dan in mijn geboorteplaats.
Maar ik weet één ding zeker: iedereen mag voelen wat hij voelt, maar je hart voelt waar het thuis hoort. Voor mij is dat Apeldoorn. Ik bén een Apeldoorner geworden — in hart en nieren.
En dat warme gevoel dat ik ooit had, van appels en dromen, blijft altijd bij me. Ook al weet ik nu dat mijn fantasie over de naam Apeldoorn niet helemaal klopte, toch voelt deze stad na al die jaren nog steeds als een zoete appel in mijn leven.
Wijsheid die ik meeneem: soms is een plek niet alleen waar je woont, maar waar je hart leert groeien, proeft, en liefheeft — net zoals de appelbomen van eeuwen geleden aan een klein beekje.
