Het mag gezegd worden

Maandag 26 oktober 2009

Door Stadsmens

In de Schoolstraat hadden ze al lef vroeger. Om een oud gymzaaltje ‘Gigant’ te noemen. Misschien was het meer omdat het er altijd gigantisch leuk was. Want dat was het. Ik herinner me menig avondje top muziek . Vaak veel te hard maar altijd een heel lekker sfeertje. En na afloop hangen aan de bar met een Dommelsch Domitor, je neus licht ophalend bij de zoveelste vlaag van brandende nederwiet of aanpalende handel die langs kwam. Maar tijden veranderen en Gigant moest wijken voor het spook van de stadsvernieuwing. En dus werd gezocht naar een nieuwe locatie. Die werd in 1994 gevonden aan de Nieuwstraat. Huis voor de Schone kunsten ging het daar heten. En, ach en wee, hoe kan het allemaal misgaan. Want het leek allemaal maar niet te willen lukken. Jaren van geploeter volgden. Een enkeling riep nog iets in de trend van ‘mislukte kunst is ook kunst’ maar de wereld wist beter.  Naar mijn verre van professionele observaties was de oorzaak toch vooral te wijten aan een hele slechte programmering en een directie en een bestuur met zo mogelijk nog minder benul van wat een poppodium was dan de programmeurs. Deze probeerders volgden elkaar ook nog eens in hoog tempo op, wat het er allemaal niet beter op maakte. En zo kon het gebeuren dat Gigant op het dieptepunt niet meer leek te zijn dan een schimmig hol waar een handjevol  als vleermuizen uitgedoste kids zich laafden aan het zoveelste vleermuisrockbandje dat er het podium besteeg. De serieuze muziekliefhebbers haakten collectief af en een kwijnend bestaan lag in het verschiet. Dat de gemeente ook nog moest bijspringen om de tent zelfs open te houden leek de doodsteek voor een ooit zo mooi instituut als Gigant.  Maar zoals de meeste duveltjes uit een doosje komen had het universum ook voor Gigant nog een duveltje achter de hand. Een nieuwe directie. En degene die zich in zijn intrinsieke introvertheid tot het meest  explosieve directieduveltje ontpopte was Martijn, genoemd naar de beroemde voetballer van Duivenboden. Tja, dat is me er een.

Vaak gekleed in een perfect zittende English Hatter outfit heeft hij voor elkaar dat Gigant in minder dan twee jaar tijd weer helemaal fit is. Veelzijdige programmering en nog nooit zoveel uitverkochte concerten als in 2009. Een waanzinnig filmaanbod en een theateraanbod dat groeiende is, waardoor ook de liefhebbers van cabaret en kleinkunst de weg naar Gigant hebben gevonden.  Hij zal vast wel eens bij zichzelf gedacht hebben ‘Ik zal ze daar in de Apeldoornse binnenstad eens een poepie van heb ik me jou daar laten ruiken’. Al zal hij daar zelf waarschijnlijk een wat andere formulering voor hebben gebruikt.

En natuurlijk kan het altijd beter, het café is nog niet het meeste gezellige van de stad en het verkopen van de kaartjes zou misschien wat efficiënter kunnen. En zou de foyer niet een prachtige plaats zijn voor een tweede klein podium om er bijvoorbeeld  en een bruin jazz en folkcafé te beginnen? Ik roep maar wat. Maar cynisme is makkelijk en ik doe daar niet aan mee. Ik weet dat we het laatste van Gigant nog lang niet gezien hebben. Laat die Martijn maar schuiven. Voor iemand die zich als Keith Moon in een boek laat vereeuwigen is de beroemde Gert-Jan Dröge vraag nog ver weg.

Alhoewel,  gaat het weer een beetje meneer van Duivenboden?

ONDERWERPEN

Muziek

Onze nieuwsbrief

Elke maandag ons nieuws in de mail?

Meer lezen over stad

REACTIES

Elke maandag ons nieuws in de mail?