In Beeld: Wereldse foto’s van Jan Vermeer

Zaterdag 19 december 2020

Door David Levie

Het is sappelen in zijn metier. Sinds de komst van het mobieltje met camera zijn er ineens ontelbare fotografen actief en dat heeft zelfs voor een professionele fotograaf van het kaliber Jan Vermeer gevolgen.

Vermeer verloor grote klanten als Apenheul en Burgers’ Zoo om dichtbij huis te blijven. Maar wellicht is het tij gekeerd nu hij zonder enig winstoogmerk een bron aanboorde in zijn eigen achtertuin: paddenstoelen. Inmiddels zijn de foto’s die hij maakte tot ver over de landsgrenzen bekend. Mushrooms van de Veluwe pronken deze maand in het Amerikaanse nummer van National Geographic dat de hele wereld overgaat. Kort voor de zomer besteedde de Nederlandse editie van het magazine aandacht aan het werk van Vermeer. En dat deed vervolgens de (kerst)bel op het hoofdkwartier in Washington rinkelen. Een mooi verhaal in een tijd vol beperkingen over een fotograaf die op unieke manier laat zien hoe mooi je eigen achtertuin kan zijn.

Vliegenzwammen

Die tuin ligt sinds een paar jaar in Hoenderloo. Daarvoor woonde Jan Vermeer met zijn gezin een jaar of 25 in westelijk Apeldoorn. Daar in het kleine dorp in de schaduw van het nationale park De Hoge Veluwe zag Vermeer tot zijn grote verbazing een groot aantal vliegenzwammen. In zijn eigen tuin nota bene. Elders in de buurt viel er nog meer aan paddenstoelen te fotograferen. En dan hebben we het niet alleen over de herfst. Ook onder de rook van Harderwijk trof Vermeer het nodige aan wat zijn aandacht trok.

 

“Een plat-gefotografeerd onderwerp als paddenstoelen moet je anders aanpakken.”

 

Maar Vermeer weet als geen ander dat het item paddenstoelen binnen ieders camerabereik ligt. “Plat-gefotografeerd”, zegt hijzelf. “Vrijwel iedere wandelaar maakt kiekjes. Je moet het dus anders aanpakken. Ik had net een nieuwe camera en daarmee kon ik naar hartenlust experimenteren. Spelen met lenzen en dergelijke.”

Zo kon het gebeuren dat hij gewapend met onder meer een telelens uitgestrekt voorover lag om details van zijn object vast te leggen. Hij zegt zich steeds meer in zijn onderwerp te hebben verdiept. Uit pure belangstelling. Af en toe volgde hij de sporen van oude Veluwse schelpenpaden met hun bijzondere vegetatie in een kalkrijke biotoop. Onderweg kwam hij het lila koraaltje tegen, een zeldzame schimmel van hooguit 1 centimeter.

Volplempen

Heel andere koek dan zijn verre reizen. Zijn laatste was nog niet zo heel lang geleden naar Kenia. Voor een presentatie op een grote beurs. De foto’s zijn al lang klaar maar van die presentatie is nog niets gekomen. Wie weet als we het Virus hebben beteugeld. Het brengt hem op kritiek op Nederland. “Een land als Kenia pakt een bedreigend virus meteen aan. Ik noem daarbij ook cholera en ebola. Maar wij gaan eerst uitgebreid lullen. En dan loop je op een gegeven ogenblik achter de feiten aan.” Een ander punt dat hem steekt is de wijze waarover over het Klimaatakkoord van Parijs door de politiek wordt gesproken. “Ik hoor alleen maar cijfertjes maar zelden of nooit iets over welzijn van mens en dier. ”

Kritisch staat Vermeer tegenover de stad waar hij een kwart eeuw met grote plezier heeft gewoond. Hij verwijt Apeldoorn gebrek aan visie met name op het gebied van milieu en landschap. “Ik stoor mij heel erg aan het ongebreideld neerplanten, volplempen zonder de gevolgen voor mens en dier op langere termijn te onderzoeken. Schrikbarend, hoe kun je zoiets een park noemen?” Ook laakt hij het afgeven van vergunningen voor het opwekken van windenergie en steeds grotere molens. “Weet je, de capaciteit van molens waarvoor die vergunningen destijds zijn afgeleverd is inmiddels drie keer zo groot. Ze produceren lage tonen die slapeloosheid kunnen veroorzaken. Daarom zijn mensen verhuisd!”

 

“In Nederland bestaat geen cultuur als het om natuurboeken gaat.”

 

Vermeers’ betrokkenheid bij alles wat groeit en bloeit zie je terug in de vijftien natuurboeken die hij heeft geschreven en van foto’s heeft voorzien. Hij heeft inmiddels zelf een uitgeverij. “In Nederland bestaat geen cultuur als het om natuurboeken gaat. En dat heeft niet alleen met het beperkte taalgebied te maken. De belangstelling van het publiek voor die boeken is wel degelijk aanwezig. De uitgevers zijn nogal conservatief. Wat je wel ziet zijn de vele determineerboeken over vogels, planten, bloemen , insecten en noem maar op.”

Biografie

Een gat in de markt dus die natuurboeken, maar Vermeer springt er niet met volle kracht in. “Ik ben op de eerste plaats fotograaf. Boeken uitgeven is een tijdrovende aangelegenheid en dat zou ten koste gaan van wat ik het liefste doe.” Momenteel richt hij zich op een tweede boek met Adri de Visser, een natuurfotograaf die aan een overval in Kenia zwaar lichamelijk letsel overhield. Van het eerste boek werden er zo’n 5000 verkocht. “Het boek dat nu uitkomt is meer een biografie.”

Van eigen hand heeft hij nóg een boek op de plank liggen. Een fotoboek over Amsterdam. Met mogelijk ook een Engelstalige versie. Maar dat komt pas in beeld als de toeristenstroom weer op gang komt en dat kan nog even nog even duren. “Het is persklaar, maar ik mis nog wat.”

 

“Ik laat mij niet beïnvloeden bij het kiezen van een onderwerp. Dat werkt niet.”

 

Wat de toekomst hem gaat brengen is nog ongewis. Mogelijk gaat hij zich verder op de wat commerciëlere Holland-fotografie richten. In die hoedanigheid maakte hij ooit zijn debuut als fotograaf. Maar wellicht is er zoiets iets als het National Geographic-effect nu hij het hoogte platform voor fotografen heeft gehaald. Washington weet nu wie hij is. “Al laat ik mij niet beïnvloeden bij het kiezen van een onderwerp. Dat werkt niet. Om de hoek heb ik dit jaar in mijzelf geïnvesteerd en die investering haal ik er nu uit. Maar dat is niet mijn insteek geweest.”

Opsteker

In de wereld van Jan Vermeer gebeuren dingen blijkbaar spontaan. En vanuit die spontaniteit heeft hij zowel de Nederlandse editie van National Geographic als bladen in Noorwegen in Zweden benaderd. En een voor een hapten ze los van elkaar toe. “Dat was een mooie opsteker in coronatijd waarin je geen kant op kan. En ja, als Washington zich heeft gemeld kun je in ieder geval de winter door’.

 

“Washington trekt alles na. Letterlijk woord voor woord.”

 

De tekst van de grote Engelstalige editie is ten opzichte van die in Nederland nauwelijks gewijzigd. “Dat betekent dat er heel nauwkeurig is gewerkt. Washington trekt alles na, letterlijk woord voor woord en in geval van twijfel worden experts ingeschakeld . Het is ook een groot compliment voor de kleine redactie in Nederland.”

Nationale edities van het tijdschrift vullen 10 procent met hun verhalen van dichtbij, maar eerst wordt alles in Washington gescreend. De rest van de inhoud wordt door Washington gevuld. De Amerikaanse editie is meteen word wide.

Plannen

Over zijn foto’s is Vermeer bescheiden. Uit zijn mond geen superlatieven. Desgevraagd zegt hij: “Ik geloof wel dat ik mooie foto’s maak, maar daarover mogen verder anderen oordelen.” De hoofdredactie in het epicentrum van National Geographic werkt met de beste (natuur)fotografen ter wereld. Nu Vermeer met zijn mushrooms is doorgedrongen tot de Champions League binnen zijn vakgebied doen zich nieuwe wellicht nieuwe kansen voor.

Zijn er al plannen? Jan Vermeer zegt nog geen idee over een vervolg te hebben. “De Hoge Veluwe zou een mooi item kunnen zijn. Die unieke mix van cultuur en natuur. Maar met de huidige leiding daar, nee. Ik heb geen zin om daarin energie te steken. Jarenlang had ik een jaarkaart voor mijn gezin. Maar die werd ineens vijftig procent duurder. Vijftig procent! Als je daarover protesteert hoor je niets. In de krant moet je lezen dat het allemaal om geld draait. Ze verkopen liever losse kaarten, dat levert meer op. Aan kaarthouders hebben ze niks. Ik snap ook wel dat het moeilijk is wanneer de subsidie minder wordt, maar als trouwe bezoeker krijg je toch een trap na. Alles draait om geld en misschien is dat logisch, maar goed is het niet.”

Onze nieuwsbrief

Elke maandag ons nieuws in de mail?

Meer lezen over stad

Elke maandag ons nieuws in de mail?