Voedselbank Apeldoorn 20 jaar: ‘We gaan zo lang het nodig is door’
Door Marion Bekker

Zeven jaar geleden stapte Ben Bloem in het bestuur van Voedselbank Apeldoorn. Als langzittend bestuurslid en vicevoorzitter heeft hij de organisatie zien groeien, veranderen en verhuizen. Nu de Voedselbank twintig jaar bestaat, blikt hij terug op wat er is opgebouwd en wat hem elke keer opnieuw naar die locatie aan de Vlijtseweg trekt.
Ben Bloem is geen onbekende als het gaat om armoede en armoedebestrijding in Apeldoorn. Al direct na zijn studie werkte hij met dak- en thuislozen als coördinator bij een initiatief dat maaltijden verzorgde voor groepen van veertig tot vijftig mensen. Via dat werk raakte hij vertrouwd met de Voedselbank, die hen regelmatig voorzag van grote horeca partijen. Later was hij actief voor Schuldhulpmaatje, een organisatie van vrijwilligers die mensen helpen met hun administratie en financiën op orde te krijgen. Die organisatie is ook een van de verwijzers van de Voedselbank.
“Toen ik de vraag kreeg om bestuurslid te worden, heb ik er even over nagedacht,” zegt Bloem. “Maar als jullie echt versterking nodig hebben, doe ik het.” Hij is inmiddels de langst zittende bestuurder. Iedereen die er zeven jaar geleden bij was, is vertrokken. Volgend jaar zit zijn eigen termijn erop.
Van rij buiten naar winkel binnen
De verandering die Bloem zelf het meest heeft geraakt, is de overgang naar het winkelconcept. Waar klanten vroeger buiten in de rij stonden en een samengesteld pakket meekregen, lopen ze nu samen met een vrijwilliger door een winkelruimte. Ze kiezen zelf wat ze meenemen uit de schappen en koelkasten. Er is een ontvangstruimte, koffie, en ruimte voor een gesprek.
“Mensen stonden buiten in de rij. Je kwam binnen, kreeg een kaartje, bij dat kaartje hoorde een pakket, en je liep weer naar buiten.” Het winkelconcept werkt anders. “Je ziet dat de drempel verlaagt. Mensen blijven langer hangen. Sommigen komen bewust wat eerder, niet alleen voor het eten, maar ook voor dat praatje. Met ons, maar ook met andere klanten.”
De waardigheid die het concept biedt, is voor Bloem de kern. “Er zit altijd een stukje schaamte rondom armoede. Dat is begrijpelijk. Het winkelconcept voelt anders. Het lijkt meer op boodschappen doen.” Ook voor vrijwilligers veranderde het werk. “Er kwamen mensen van wie je niet wist dat ze die kant ook in huis hadden. Het klantcontact is veel intensiever geworden.”
Geen pakket zonder traject
De Voedselbank werkt in Apeldoorn met een netwerk van verwijzers: gemeenten, welzijnsorganisaties en maatschappelijke partners die de financiële toets uitvoeren en klanten aanmelden. Bloem legt uit waarom dat systeem werkt. “Wij hoeven niet in iemands portemonnee te kijken. We geloven de verwijzer. Dat is voor ons wat prettiger en voor de klant ook.”
Achter dat systeem zit een bewust principe: geen pakket zonder traject. “Eten geven doen we met alle liefde. Maar er is een reden waarom mensen tekort komen. En je hoopt dat mensen hulp krijgen om dat tekort op te lossen.” De Voedselbank is in zijn ogen een tijdelijke voorziening, bedoeld om ademruimte te geven. “Als je niet weet hoe je morgen de koelkast gevuld krijgt, kun je geen sollicitatiebrief schrijven. Die spanning is te groot.”
Ook voor noodsituaties is er een oplossing: een noodpakket, zonder vragen, voor een paar weken. “Als jij zegt dat je het nodig hebt, krijg je het. Hier heb je een lijstje van verwijzers. Daar ga je naartoe voor je begeleiding.”
Vrijwilligers als fundament
In zeven jaar heeft Bloem nooit een tekort aan vrijwilligers meegemaakt. Dat stemt hem dankbaar, ook omdat hij ziet dat andere Voedselbanken in het land moeite hebben bepaalde functies ingevuld te krijgen. “Mensen willen best meehelpen, maar steeds minder structureel. Niet meer elke woensdagmiddag, maar misschien wel een keer op zaterdag.” In Apeldoorn loopt het nog goed, maar de trend is zichtbaar.
Wat hem blijft raken, is de inzet van de vrijwilligers zelf. “Ik stap op mijn fiets en ik kan ook andere dingen gaan doen. Maar die mensen gaan naar de Voedselbank, elke keer weer met een glimlach. Dat vind ik iets bijzonders. Iedereen die komt, doet het uit eigen beweging. Dat betekent dat als je er écht niet voor gemotiveerd bent, je gewoon niet gaat.”
Een verhuizing en een volgende fase
Later dit jaar verhuist de Voedselbank naar een nieuwe locatie in Apeldoorn Noord. Een grotere hal, beter bereikbaar voor vrachtwagens, en naar verwachting geschikt voor tientallen jaren. De huidige locatie aan de Vlijtseweg stond al zeven jaar onder druk. “Toen ik begon als bestuurslid, speelde de vraag al: hoe lang kunnen we hier nog blijven? We hebben zelfs al die tijd gespaard voor de verhuizing.”
De overgang vraagt om planning. De Voedselbank kan zich geen weken sluiting veroorloven. “Onze doelgroep ook niet. We gaan de nieuwe locatie opbouwen terwijl we op de huidige locatie gewoon doorgaan.” De verwachting is dat de verhuizing ergens in oktober of november afgerond is.
Voor Bloem is het ook een moment om vooruit te kijken. Hij ziet een trend waarbij Voedselbanken steeds meer voedsel moeten inkopen, omdat supermarkten en producenten voedselverspilling intern al sterk terugdringen. “Die aanvoer van overschotten wordt minder. We moeten steeds vaker zelf bijkopen om complete weekboodschappen te kunnen bieden.” De vraag of dat op termijn leidt tot een systeem met voedselbonnen in plaats van een winkel, staat voor hem open. “Ik sluit het niet uit. Maar voorlopig zijn we er nog niet.”
Het liefst zou hij zien dat de Voedselbank zichzelf overbodig maakt. “Dat is een utopie, denk ik. De armen zullen altijd onder ons zijn, zei iemand al lang geleden. Maar we gaan door zolang het nodig is.”
Wil je bijdragen aan twintig jaar Voedselbank Apeldoorn? Via de Healthy Webshop doneer je direct gezonde boodschappen voor Apeldoorners die dat even nodig hebben: healthywebshop.nl
