In Beeld: Ouwe rockers met een jong hart

Zaterdag 3 november 2018

Door David Levie

De Soosreünie maakt zich op voor een nostalgisch muziekfestijn op 10 november in Sprengeloo. De muzikanten Erik Bagchus, Ruud Wegman en Peter Beemsterboer zijn dan van de partij. Ze spelen in een vierkoppige band mee als begeleiders van Graham Lee. Lee maakte in de jaren zestig furore met The Scorpions en Hermans Hermits. De erfenis van The Scorpions rust nu op zijn schouders. Bij de inventaris hoort een wereldhit: Hello Josephine. En dat betekent: het dak eraf in de school aan de Sprengenweg.

Het trio Wegman, Bagchus en Beemsterboer kent elkaar al een jaar of vijftig. Hoewel ze tot voor kort nooit samenspeelden. Ruud Wegman was het uithangbord van de The Bats, jarenlang de oudste schoolband van het land. In 2015 verstomde het geluid van het bandje dat zowel voor het laatste optreden (2014) als het allerlaatste (2015) voor artcafé Sam Sam koos. Bagchus en Beemsterboer maakten deel uit van de oer-bezetting van het Apeldoornse Flavium, een formatie die van geen ophouden weet. Volgend jaar viert de bluesband z’n vijftig jaar bestaan.

The Bats zag het levenslicht op de school die lang als Koninklijke HBS door het leven ging en nu als KSG bekendstaat. Oud-leerling Ruud Wegman kan het zich nog goed herinneren. ,,Ik was niet zo’n soosfiguur. Veel leerlingen van de HBS die wat ouder waren dan ik gingen naar de ISSA, een soort sociëteit voor middelbare scholieren vanaf een jaar of 17 achter Marialust. Ik zag daar voor het eerst Les Baroques optreden. Er ging een wereld voor me open. Als de brandweer kwam controleren ging de achteruitgang open. Want er zaten te veel mensen binnen. Was de brandweer weer vertrokken dan stroomde de boel weer vol.’’ Op een schoolavond van de HBS, op 24 maart 1964 om precies te zijn, zag The Bats het levenslicht. ,,We speelden nummers na van bekende groepen als The Animals en The Spencer Davis Group. We zijn onder naam The Amazers begonnen. Maar dat hebben we al snel veranderd in The Bats.’’

„Ik ben zelfs naar Engeland geweest om daar een nummer op te nemen’.”

,,We hebben met The Bats ook wel in een soos opgetreden. Ik ken die verschillende clubjes alleen van naam. Waterloo Station, de Tobbe, de Groene Fles. Wij speelden nummers van The Beatles, The Stones en The Shadows. Van die laatste band was ik een grote fan. Jaren later heb ik persoonlijk een van die mannen ontmoet, Jet Harris, de basgitarist. Toen hij naar Nederland kwam kon ik met iemand uit de muziekwereld mee naar Schiphol. Ik was bij een repetitie, kort voor een optreden en ik vroeg of ik mee mocht spelen. Het nummer ken ik nog: Shadookie.

Ruud Wegman

Je woont al jaren in Maarssen. Heb je nog een band met Apeldoorn?

,,Het wordt steeds minder nu mijn moeder is overleden. Ik woonde vlakbij de Tol aan de Deventerstraat in een huis dat nu een kinderdagverblijf is. Privé kom ik af en toe nog wel eens in Sam Sam. Aan het Boschbad bewaar ik mij beste herinneringen. Met vriendjes en vriendinnetjes hadden we het over muziek. Vaak over Gloria van Them herinner ik me.’’

Waar kunnen ze jou midden in de nacht voor wakker maken?

,,Het moet wel interessant zijn, anders slaap ik meteen weer door. Maar voor leuk optreden kom ik mijn bed uit.’’

Wat is het laatste boek dat je hebt gelezen?

,,Ik ben een slechte boekenlezer. Ik heb boeken gelezen voor mijn studie economie. Verder hou ik niet zo van boeken. Ik word moe van een heel boek. Ik lees de krant. De enkele keer dat ik een boek lees zijn het korte verhalen, gebundelde columns.’’

,,Wat mist Apeldoorn?

,,Op zich niet zoveel denk ik. Het is dat je het me vraagt. Apeldoorn heeft geen historische centrum als Deventer. Die kleine winkeltjes tegen dat decor bepalen de sfeer die je in Apeldoorn mist.’’

Aan welke Apeldoorner bewaar je goede herinneringen?

,,Aan de countryzanger Ben Steneker. Ik heb hem nooit persoonlijk ontmoet. Hij was in de stad heel bekend. Wat me ook is bijgebleven is Avro’s Landdag in Berg Bos. Daar traden bekende artiesten op zoals het duo The Blue Diamonds. Er was ook een derde broer uit dat gezin. Die zie ik nog wel eens.’’

 In jouw middelbareschooltijd was je of voor The Beatles of voor The Stones.  Hoe was dat bij jou?

,,Ik heb nooit gekozen. Beide. The Beatles was als band wellicht technisch beter, maar The Stones hadden dat rauwe en hun hun performance. Geweldig. Ik heb met The Bats altijd hun covers gespeeld, en ook nu nog als ik optreed. Het heeft me jaren gekost om er achter te komen hoe John Lennon het flikte in ’Love me do’ om zo harmonica te spelen. Ik heb nu het antwoord: hij heeft er twee gebruikt. Mooi dat soort weetjes.’’

Daar paste wel een mondharmonica-solo in. De manager was enthousiast en vroeg me om mee te spelen als de band weer in Nederland zou zijn. Dat is ook gebeurd. Ik ben er zelfs een keer voor naar Engeland geweest om een nummer voor een plaat op te nemen. Daar waren ook andere jongens van The Shadows bij. Spelen in een jongensdroom. Ik geloof dat ik in totaal zo’n tien keer heb meegespeeld. Ik herinner me de leuke sfeer en keer dat Jet in Utrecht was. Hij kende de stad beter dan ik. Tot een uur of vier zat hij met zijn vrienden te blowen. Ik moest werken die volgende ochtend en zat braaf aan de chocolademelk.’’

De jaren verstreken. Het geluid van The Bats verstomde. De zwanenzang had plaats in de stad waar het avontuur ooit begon: Apeldoorn. Maar Wegman speelde door, ook al was het niet meer met The Bats . Via de manager van Jet Harris kwam Wegman (hij woont al jaren in Maarssen) in contact met Graham Lee van The Scorpions. Ook dat leverde een reisje naar Engeland op. ,,Een opname voor een cd’tje. Als Graham Lee in Nederland speelt, dan doe ik mee. Ik heb er eerst Peter Beemsterboer en twee jaar geleden Erik Bagchus bijgehaald. De jongens van Flavium. Heeft ook met bezuinigingen te maken. Het wordt te duur om de voltallige bezetting uit Engeland te laten overkomen. Zaaleigenaren betalen steeds minder. Zo langzaam maar zeker zie je het teruglopen. De belangstelling voor muziek uit de jaren zestig neemt geleidelijk af. Jongeren die er niet mee zijn grootgebracht kennen je niet. De zaaleigenaren kiezen liever voor een plaatselijke of regionale band. Dat trekt mensen uit de omgeving aan. Dat levert meer omzet op. Wij moeten het hebben van de jaarlijkse reünies met een vast publiek. Zoals de Soos. Met The Bats heb ik er in de afgelopen jaren twee keer opgetreden. Altijd een goede sfeer.’’

„We spelen echt niet voor de poen. We houden er nauwelijks iets aan over.’”

Soortelijke geluiden komen uit de mond van Erik Bagchus. De basgitarist werd vier jaar na de oprichting ingelijfd. De band beleeft in 2019 z’n tiende lustrum. Flavium speelde onder z’n eigen naam nooit op een Soosreünie. Bagchus wel, maar onder  de noemer van Drogisterij van Gerrevink, een band met een dikke Flavium-saus en vorig jaar met zijn bandje So and So dat al sinds mensenheugenis covers speelt. Verzekeringsman Bachgus staat aan de vooravond van zijn maatschappelijke pensioen. De heren van Flavium blijven hun band trouw. ,,Het is altijd harstikke leuk geweest om met elkaar te spelen en dat vinden we nog steeds. Daarom gaan we door.’’

In tegenstelling tot Ruud Wegman was Erik Bagchus wel een bezoeker van Apeldoornse uitgaansgelegenheden voor jongeren. Hij noemt de Cavern Club aan de Schuttersweg, Soos ’59, Waterloo Station en Cosy in Kerschoten. En zijn eigen bandje So and So. Met een repertoire dat toen hij 15-16 jaar was nauwelijks verschilde van dat van The Bats. So and So laat nog altijd van zich horen en heeft een eigen site. Net als The Bats en Waterloo Station. Bagchus is een liefhebber. Ook de keren als hij als ‘’Scorpion’’ met Graham Lee, Ruud Wegman en Peter Beemsterboer op pad gaat. ,,Omdat ik leuk vind. Niet voor de poen, want je houdt er nauwelijks iets aan over. Het is de gezelligheid, de ontmoetingen met mensen die je een tijd niet hebt gezien. En muziek maken. Dat gaat ook op prima in de aula van een school.’’

„Muziek uit jaren zestig is bij ons publiek altijd latent aanwezig.”

Drummer Peter Beemsterboer sluit zich daarbij aan. ,,De muziek van de jaren zestig, zeventig is iets dat bij ons publiek altijd latent aanwezig is. Of je nu dokter bent, bouwvakker of wat dan ook. Het is iets dat je bijblijft.’’

Beemsterboer treedt komende zaterdag voor de vierde keer tijdens een Soos-reünie op. In zijn jonge jaren kende hij alle Apeldoornse uitgaansgelegenheden voor zijn leeftijdgenoten van binnen en van buiten. ,,Maar niet als bezoeker. Daar had ik helemaal geen tijd voor. We waren aan het spelen. In die dagen had Apeldoorn heel wat bandjes. Om voor afwisseling te zorgen was een roulatiesysteem. Ieder weekend speelde je weer in een andere tent.’’

,,Nee een voorkeur had ik niet. Als je maar kon spelen. En zo is het nog steeds. We hoeven echt geen miljonair te worden. Ja, je mag het gerust vergelijken met veteranen die het leuk vinden om een potje voetbal te spelen. Als het aan mij ligt hebben we met de Graham Lee Band ook na de Soos nog een paar optredens. Maar dan zal Ruud Wegman wel zijn best moeten doen. De afgelopen keer dat we met Graham Lee optraden rolden er ook nog wat optredens uit. Drie achter elkaar. Ja, daar kan ik me op verheugen. Net als op de Soos-reünie. Ik weet dat een heleboel muzikanten daar net zo over denken.’’

Gerrit van Cotthem, een van de organisatoren verwacht een volle bak. ,,De mensen reageren heel positief op de terugkeer van de Soos-reünie naar de aula van een school. Dat past bij nostalgie. Zo zijn we ook begonnen. We merken het aan de voorverkoop. Die is nog nooit zo goed geweest.’’ Online (www.soosreunie.nl) zijn er nog wat kaarten te bestellen en ook bij de verkoopadressen (zie de site) waaronder artcafé Sam Sam en de Primera’s in Apeldoorn zijn nog entreebewijzen. Een kaartje kost 15 euro.

Meer informatie: www.thegrahamleeband.nl

 

 

ONDERWERPEN

In Beeld Portretten

Onze nieuwsbrief

Elke maandag ons nieuws in de mail?

Meer lezen over stad

REACTIES

Elke maandag ons nieuws in de mail?