Twee muzikanten uit Apeldoorn maken muziek zonder elkaar te ontmoeten

Vrijdag 29 mei 2026

Door Gerrit Steenbergen

Ron en Jaap hebben elkaar nooit samen achter een instrument gezien, toch hebben ze in vijf jaar bijna honderdveertig nummers gemaakt. Hun tweede album Deep Circuit Electro Miners II is net uit (de opvolger van I), samengesteld door twee vaste luisteraars van hun werk, Mark en Jasper. Een gesprek over muziek maken in het digitale tijdperk, waarbij het proces belangrijker is dan het eindresultaat.

Een computercrash als startpunt

Ron kreeg op zijn tiende een plastic gitaartje – ongestemd, maar het maakte hem niet uit. Zijn moeder zei bemoedigend dat het steeds beter werd, hoewel de gitaar natuurlijk niet veranderde. Later, in Engeland, ontdekte hij de band Forty Fives. Ze speelden een soort kruising tussen The Beatles, Beach Boys en Chuck Berry in vier of vijf stemmen. “Dat maakte altijd een enorme indruk op mij live. Echt wow.” Hij kocht een akoestische gitaar en nam jazzlessen bij een muzikant in Londen – vier tot vijf uur per avond, tot diep in de nacht. Terug in Nederland speelde hij in bandjes, maar het werd nooit echt serieus. Tot 2021, toen zijn Mac-schijf crashte.

Jaap begon op zijn tiende met trompet bij de Apeldoornse Pijpers, maar kreeg verplicht orgelles van zijn vader. Hij haatte het. “Ik had geen zin om thuis te oefenen, maar de geluiden die je uit dat orgel kon halen – dissonanten, rare akkoorden – die vond ik veel interessanter dan wat ik leerde.” In de jaren tachtig speelde hij in bandjes, maar toen zijn ambities niet verder reikten dan “seks, drugs en rock-‘n-roll”, terwijl zijn bandgenoten contracten wilden en platen wilden produceren, stapte hij eruit. “Ik was niet goed genoeg,” zegt hij simpel.

Logic en vrijheid

Toen Ron zijn Mac liet repareren bij Jaap, ontdekte hij dat de reparateur ook Logic gebruikte – dezelfde muziekproductiesoftware. Ze raakten aan de praat, en op een gegeven moment zeiden ze: “Zullen we samen een nummer maken?” Dat was vijf jaar geleden. Voor Jaap was het anders. Een vriend uit Londen toonde hem Logic Pro en zei dat je er een complete privé studio mee kon bouwen. “Dat was een eyeopener. Je had alles wat je nodig had – je eigen beheer, geen druk van bandgenoten, je kon er tien keer overheen gaan.” Jaap maakte eerst dertig tot vijfendertig nummers met Mick, een andere muzikant. Ze werkten via internet, spoor voor spoor, zonder elkaar te ontmoeten. Toen Mick stopte, ging Jaap alleen verder. Toen kwam Ron in beeld. “Van het een kwam het ander,” zegt Jaap. Nu hebben ze samen bijna honderdveertig nummers gemaakt.

Het bijzondere: ze oefenen nooit samen. Ze hebben elkaar nooit samen zien spelen. De nummers worden niet geschreven, niet uitgewerkt op papier. “Die komen gewoon,” zegt Jaap. “Het zijn gedachten, gevoelens. Die wisselwerking over en weer, over en weer – daar ontstaat synergie. Dan is het nummer klaar. Je brengt het uit en vergeet het vervolgens.”

Whatsapp als studio

Ze communiceren alleen via WhatsApp. Ron stuurt iets, Jaap voegt toe of haalt weg. Soms verdwijnt twintig tot dertig procent van wat Ron heeft gemaakt. “Ik denk dan: we zien wel. En het fijne is dat de reacties nooit zijn van ‘Oh, wat heb je nou gedaan?’ Het is altijd rustig, vaak zelfs enthousiast.”

Dit kan alleen omdat er internet is, streaming en real-time communicatie. Maar het heeft ook een dieper effect. “Als je echt fysiek bij elkaar zit, ga je te veel rekening houden met elkaar,” zegt Jaap. “Je gaat kijken hoe reageert die ander? Nu kun je soms denken: ik ga het gewoon zo doen. Als ik het niet goed vind, kan ik altijd terug.”

Ze parkeren nummers regelmatig. Een nummer kan voor tachtig procent klaar zijn, maar dan zijn ze er niet tevreden over. “Dan zetten we het weg en vergeten het. Na drie, vier maanden denken we: oh, we hebben nog een nummer liggen. Dan zien we ineens wat het nodig heeft.”

Geen ambitie, wel vrijheid

Rond de elf uur ’s avonds stuurt Jaap de afgeronde nummers naar ongeveer vijftig tot zestig mensen – vrienden, muziekliefhebbers. Ze plaatsen ze ook op Soundcloud, luister hier, waar ze 88 volgers hebben. “Dat is eigenlijk de muzikanten-liefhebbers community,” zegt Ron. “Gewone mensen gebruiken Spotify.”

Ze maken geen muziek om beroemd te worden. “We maken muziek omdat we er samen voldoening uit halen,” zegt Ron. “We creëren iets en zetten het de wereld in. Wat de wereld er vervolgens mee doet – dat vind ik niet zo interessant.”

Jaap voegt toe: “We hebben wel de ambitie om twee keer per maand iets te maken. Maar we zien onszelf niet als een band. We zijn een collectief.” Soms doen anderen mee – Henk Waninge schreef teksten en zong, Mark Frieswijk legde de basis voor twee nummers. Een bouzouki en een laouto speler uit Kreta (Giorgos en Nicos Loukakis) werkten op afstand mee. “Als er morgen een zangeres zou zijn die erbij past, mag ze gelijk aanschuiven,” zegt Ron. “Maar ze moet wel iets meebrengen – muzikale inbreng, improvisatie.”

Soundscapes en drones

Hun muziek valt moeilijk in een hokje te plaatsen. Apple categoriseert het als elektronische muziek, maar dat klopt niet helemaal. Ron en Jaap spelen beide analoge gitaar en bas, maar veel drums komen uit een doosje. “We durven beats te gebruiken in plaats van een drumstel achtige sound,” zegt Jaap. “Soms zijn het soundtracks – je krijgt daar beeld in.”Veel nummers zouden onder ‘drones’ vallen: één basistoon waarop je improviseert. De Beatles gebruikten het, de Hurdy Gurdy ook – een middeleeuws instrument met één basisnoot. “Tegenwoordig kun je met effecten die zo lang maken als je wilt,” zegt Ron. “Het hoeft niet uit te zetten.”
Veel van hun werk heeft geen couplet-refrein-structuur. “Geen Abc’tje, geen AB AB,” zegt Jaap. “Het zijn verzamelingen van geluiden. Soms heb ik al vijftig tracks voor één nummer.”

Het tweede album

Voor hun tweede album ‘II’ vroegen ze twee externe luisteraars – Mark Frieswijk (programmeur, nu productmanager bij Sony) en Jasper van der Graaf van ACEC– om uit hun honderdveertig nummers een selectie te maken. “We waren totaal besluiteloos,” zegt Ron. “Laten we een ander het oordeel laten vellen.” Het album bevat vooral instrumentale en ambient-achtige nummers. 

Het proces, niet het product

Beiden hebben in bandjes gespeeld. Ron speelde honderd keer hetzelfde nummer, Jaap ook. “Als ik ergens een broertje dood aan had, was het dat,” zegt Jaap. “Honderd keer oefenen, dan honderd keer op het podium. Ik snap niet dat bands dat leuk vinden.”
Nu gaat het om het creëren. “Het mooie van het zelf maken: niemand kan zeggen dat het kut is,” zegt Ron. “Speel het maar even na – ik kan het niet. We hebben die ambitie niet meer om live op te treden. Daar zouden we goede muzikanten voor nodig hebben, en vijftig tracks per nummer – dat wordt ingewikkeld.”
Jaap knikt. “Het proces van creëren, van maken – daar gaat het om. Dat is het leuke. Niet voor de honderdste keer hetzelfde nummer spelen.”
Praktisch: Ron en Jaap delen hun muziek op Soundcloud onder hun collectief naam Deep Circuit Electro Miners. Hun tweede album ‘II’ is beschikbaar Luister hier

Album Streaming
Apple Music:
https://music.apple.com/nl/album/ii/6766374762
Spotify:
https://open.spotify.com/album/74IiCqhKdUzR4LfY2oFUz8?si=nfBsPW_lRvaRf96wcs9o5A
Youtube Music:
https://music.youtube.com/playlist?list=OLAK5uy_n1EyeiOURWO0cyERImYQtHOaCzoVXhOck&si=iEAlJsufOWjxX51w

Meer lezen over cultuur

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!