Mannen in de mode: Theo Wiggers

Zaterdag 1 oktober 2016

Door David Levie

Theo Wiggers (54) maakt zijn opwachting in aflevering 2 van Mannen in de mode. Wiggers geeft met zijn Bla-Bla leiding aan een puur Apeldoorns familiebedrijf. Zijn levensgezellin, twee kinderen, een broer en een zus zijn actief in een van de vier winkels in de binnenstad. O ja, vader is chef bouwzaken.

Hoe ben je in de mode terecht gekomen?

,,Ik heb MTS Bouwkunde gegaan. Ik was daar niet echt op mijn plek. Ik zocht een baantje en vond deze bij Fooks Mode. Vervolgens heb ik in aantal andere modezaken gewerkt totdat ik franchisenemer kon worden van Store. Ik heb die zaak weer verkocht en ben ik 1992 met mijn toenmalige partner Bla-Bla begonnen. Volgend jaar ben ik 25 jaar actief als ondernemer. Bla- Bla bestaat dan 20 jaar.

Is de crisis voorbij?

,,’t Gaat nu weer. Al wordt het nooit meer zoals het was. En dan praat ik over de topjaren 2006, 2007 en 2008. Daarvoor is de concurrentie, denk aan internet, veel groter geworden. Maar het is merkbaar dat mensen weer geld durven uit te geven. Gelukkig wel.’’

Hoe heb je de crisis overleefd?

,,Deels door voorzichtig te zijn. Wat minder inkopen, minder uitgeven aan sponsoring, geen grote bedragen uitgeven aan verbouwingen. En dankzij ons hechte team van zo’n vijftien mensen. Het was of financieel – ook ik – een stapje terugdoen – of drie mensen eruit. Er is ingeleverd, ja. Maar ik heb er meteen bij gezegd dat het in betere tijden zou worden rechtgetrokken. Dat is verleden jaar dan ook gebeurd. Ik ben natuurlijk trots op mijn familie, maar ook op ons team. Geen verloop, nauwelijks ziekteverzuim. Dat is onze kracht.’’

Hoe modebewust is Apeldoorn?

,,We lopen in het algemeen niet voorop, maar wij zijn en dat durf ik hardop te zeggen, wel de trendsetter hier. Met een enkele concullega. Wij hebben alle grote merken. En daarmee zijn we toonaangevend en lopen we zeker niet achter. Dat we die merken kunnen verkopen ligt niet alleen aan de gunfactor. Onze winkels zijn vernieuwend, alles ziet er netjes uit en er heerst een prettige sfeer.’’

Wat heb je zelf met mode?

,,Het is mijn passie, het is mijn enige hobby. Maar ik doe normaal en sta met beide beentjes op de grond. Een mooie spijkerbroek, goeie schoenen en een goed shirt. Ik heb een bescheiden kast.’’

Hoe volg je de mode?

,,Op heel veel manieren. Beurzen bijvoorbeeld en dan denk ik vooral aan Amsterdam en Berlijn. Ik lees vakbladen en kijk tv om trends goed te kunnen volgen. Verder kom ik om de paar weken in andere steden. Om wat te leren. Hoe zien de winkels eruit? Wat is het straatbeeld? Hoe zien de etalages eruit? Wat voor muziek draaien ze? Hoe is de verlichting en vooral hoe stelt het personeel zich op? Openstaan voor je klant. De mensen laten voelen dat ze welkom zijn. Dat is toch wat anders dan met je mobieltje spelen. Ik was laatst in Rotterdam en wist niet wat ik zag. In Veenendaal zag ik weer hoe het ook kan. En moet.’’

Heeft Apeldoorn als winkelstad toekomst?

,,Zeker. Maar dan moet er wel wat veranderen. Het is nu nog veel te veel ieder voor zich. Dat maak besluitvorming moeilijk. Het kost allemaal heel veel tijd. Ook de eigenaren van panden spelen een belangrijke rol in de ontwikkeling en het toekomstbeeld. De huurprijs moet wat zakken. In de privésfeer zie je dat ook wel gebeuren, maar de grote maatschappijen blijven wat dat betreft achter. Toch er zit wel weer wat beweging in. Neem de Oranjerie die in andere handen is overgegaan. Onze komst naar de Korenpassage heeft ook een positieve uitwerking. Het zou mooi zijn als er weer wat zaken met een nieuwe formule naar Apeldoorn komen. Er zit naar wat ik zo hoor wat schot in.’’

Waar moet jij het met de Bla-Bla’s van hebben?

,,Wij hebben een heel breed publiek. Vanaf 13 jaar tot pakweg zestig. Maar de grootste groep loopt in leeftijd uiteen van 18 tot 40. Ik denk dat iedereen wel wat bij ons kan vinden.’’

Zijn de webwinkels jouw grootste concurrenten?

,,Online, ja ik denk van wel. Maar langzamerhand is er toch sprake van een zekere verandering. Je ziet dat sommigen er op terugkomen. Iedere keer kleding terugsturen is ook niet alles. Winkelen blijft heel populair. Mensen gaan graag de stad in. En zoals ik al zei: er wordt wat makkelijker geld uitgegeven.’’

Hoeveel uur werk je?

,,Ik denk een uurtje of zestig. Maar ik vind het fijn. Mijn werk is mijn hobby. Natuurlijk geeft het rust dat twee van mijn kinderen meewerken en mijn familie er nauw bij betrokken is, maar ik bedrijf topsport. Ik voel me ook nog jong. Ik wil het zeker op dit niveau nog een jaar tien volhouden en dan wat afbouwen. Maar afscheid nemen is een heel ander verhaal. Ik wil er toch nog wel langere tijd bij betrokken blijven.’’

Wat laat je ervoor?

,,Niet zoveel. We gaan graag uit eten, ik pak mijn filmpje en we gaan een paar keer jaar met vakantie. Ik houd ook van familiebijeenkomsten. Werken geeft me voldoening.’’

Zijn er meer prettig gestoorden zoals jij?

,,Zeker wel. Ook wat concullega’s betreft. Jonge mensen. Mansion 24, Capital. Daar ben ik echt blij mee. En ik denk ook aan Oxener, Buining, Tempelman en wat horeca betreft aan Jules Verne en Martin’s. En Alger van Veldhuizen niet te vergeten met het Stadscafé, Het Nieuws en zijn nieuwe zaak. Dat soort Apeldoornse uithangborden moet je koesteren.’’

ONDERWERPEN

Mannen in de mode Portretten

Onze nieuwsbrief

Elke maandag ons nieuws in de mail?

Meer lezen over mannen in de mode

REACTIES

Elke maandag ons nieuws in de mail?