‘Je kunt geen halve voorzitter zijn’ – Johan Kruithof over vijf jaar Voedselbank Apeldoorn
Door Gerrit Steenbergen

Vijf jaar lang leidde Johan Kruithof als voorzitter de Voedselbank Apeldoorn, een organisatie die wekelijks ongeveer 300 gezinnen van eten voorziet. “Je moet iedere week eten,” zegt hij. “Heel simpel.” Na zijn vertrek als wethouder koos hij bewust voor vrijwilligerswerk. Nu stopt hij, om leeftijds- en gezondheidsredenen. Tijd om terug te kijken. Dit is deel één van een tweeluik. Volgende week volgt deel twee, over zijn voorzitterschap bij het Herinneringscentrum Apeldoornsche Bosch. Hieronder blikt Kruithof terug op zijn tijd bij de Voedselbank.
Je moet iedere week eten, heel simpel.
De afgelopen jaren groeide de organisatie uit haar jasje. Daarnaast werd de huisvestingssituatie steeds precairder – ook omdat ze elk jaar opnieuw de waarschuwing van bouwbedrijf Nikkels (de verhuurder) kregen dat vertrek nodig kon zijn, elk jaar opnieuw was er gelukkig ook uitstel. Op de locatie komen nieuwe woningen. Niets dan lof overigens voor het bouwbedrijf, ze huurden voor een zeer schappelijke prijs en de zaak werd zeer netjes onderhouden.
Een concrete opgave
De zoektocht naar een nieuw onderkomen bleek moeilijker dan verwacht. De Voedselbank heeft minstens duizend vierkante meter nodig: een grote hal voor opslag, koelcellen, vriescellen, een uitgiftepunt naar supermarktmodel, een wachtruimte voor klanten en een kantine voor vrijwilligers. Kruithof en zijn bestuur konden het niet alleen voor elkaar krijgen. Daarom stapten zij naar de wethouder met een duidelijke boodschap: “Er is een risico dat de voedselbank op straat komt te staan, willen jullie dat risico echt lopen?”
De gemeente pakte het serieus op. De afdeling vastgoed werd ingeschakeld en zette haar contacten in. Dat leidde tot een pand aan de Lage Brink – niet ideaal voor iedereen – sommige klanten moeten verder reizen, maar praktisch gezien is dit een goede oplossing. Met de fiets is het tien minuten verder rijden, waar anderen er sneller zijn dan bij het huidige pand aan het kanaal. Een bushalte vlakbij in de buurt helpt. “Je kunt niet alles realiseren,” zegt Johan nuchter. “In het centrum krijg je zo’n plek niet meer.”
Het gebouw is modern, zeer energiezuinig en groot genoeg. De vrachtauto kan binnen worden geparkeerd – een voordeel, want buiten wordt het voertuig wel eens belaagd. De gemeente regelde snel een omgevingsvergunning, hoewel dat bureaucratisch ingewikkeld was. Hij prijst de snelheid en adequaatheid van de gemeente dan ook.
Giften in plaats van subsidie
De Voedselbank leeft van donaties, niet van structurele subsidies. Dat is een bewuste keuze. “Geen subsidie betekent dat de samenleving, de Apeldoorners zich druk maken,” zegt hij. Jaarlijks wordt ongeveer 120.000 euro gedoneerd – ruwweg een euro per inwoner, twee euro per gezin. Collega-voedselbanken kijken daar verbaasd van op.
Wel heeft het bestuur met de gemeente afgesproken dat de Voedselbank in geval van financiële nood eenmalig kan aankloppen. Dat is gebeurd voor de aankoop van een nieuwe vrachtauto, die samen met een bijdrage uit het Noodfonds van Voedselbanken Nederland werd aangeschaft. Die landelijke organisatie, geleid door oud-minister Henk Staghouwer, beschikt over een goed gevuld bijstands om voedselbanken in nood te helpen.
De huur van het nieuwe pand bedraagt ongeveer 50.000 tot 60.000 euro per jaar zegt de oud voorzitter, de Voedselbank kan de helft zelf dragen, een deel vergoed de gemeente.
Operationeel bestuur, fysieke grenzen
Waarom stopt hij nu? Zijn rol als voorzitter is sterk operationeel. Het bestuur vergadert zes keer per jaar, maar de rest van de tijd speelt zich af op de werkvloer – praktische afspraken, organisatie, coördinatie. “Je bent vooral vrijwilliger plus,” zegt hij zelf. Dat was aanvankelijk goed te doen, maar het werd steeds lastiger. De ziekte van Parkinson maakt het fysieke deel moeilijker. “Ik kan geen halve voorzitter zijn,” erkent hij.
Vrijwilligers en mentaliteit
De Voedselbank telt 90 vrijwilligers – een serieus groot aantal. Johan is onder de indruk van hun betrokkenheid. Sommigen zijn zo toegewijd dat ze een kerstcadeautje van het bestuur bijna te veel vinden. “Dat tekent de mentaliteit van de organisatie,” zegt hij. “Sober en doelmatig, maar daarmee bereik je heel veel.”
Wat nu?
Voor de nieuwe voorzitter en het bestuur wacht een mooie klus: verhuizing, herinrichting en modernisering. Hij ziet het graag gebeuren. De Voedselbank wil overgaan op een nieuw winkelconcept – een supermarkt-achtig model dat in grote steden steeds vaker wordt gebruikt. Dat vraagt om nieuwe koelcellen, vriescellen en inrichting. “Voortdurend stond het bestuur voor die vraag. ‘Laten we dat nu nog niet doen’, zeiden we. Want dan moeten we twee keer inrichten.”
Nu kan het eindelijk. En daar zit geld aan vast. Hij hoopt dat Apeldoorners en bedrijven willen bijdragen aan deze modernisering. “Je kunt het makkelijkst een sponsoractie op poten zetten als je een concreet thema hebt,” zegt hij. Dat hebben we nu. Hij roept dan ook iedereen op een bijdrage te leveren.
Op 16 februari heeft het bestuur besloten een nieuw pand aan de Lage Brink te huren. Het huurcontract wordt nu opgesteld – een moment waarop hij zich naar tevredenheid kon terugtrekken
Praktisch:
De Voedselbank Apeldoorn verhuist binnenkort naar de Lage Brink. Wil je bijdragen aan de modernisering, doneren of vrijwilligerswerk overwegen? Kijk op voedselbankapeldoorn.nl.
