Kunstenaars Heidi Linck en Ronald de Ceuster zetten het Hertzbergerpand in het licht
Door Marion Bekker

Herman Hertzberger ontwierp het als een open stad, een gebouw voor ontmoeting en verbinding. Nu is het voormalige Centraal Beheer-kantoor in Apeldoorn een afgesloten terrein. Hekken bepalen de grens tussen het gebouw en de stad, en achter die hekken lijkt de tijd stil te staan. Kunstenaars Heidi Linck en Ronald de Ceuster onderzoeken met hun project Reshuffled Scenes wat het Hertzbergerpand nog is, nu het geen functie meer heeft en op een toekomst wacht.
“Als we bij de hekken rondom het gebouw staan, krijgen we het gevoel dat we naar een verboden stad kijken”, vertellen ze. “Er lijkt steeds een nieuw hek omheen te komen, als jaarringen in een boom. Het gebouw lijkt wel een geheim te verbergen. We voelen ons verleid om over het hek heen te gaan, maar vinden het nog interessanter om dat juist niet te doen. We willen via de verbeelding in het gebouw aanwezig zijn.”
Een gebouw in transitie
Centraal Beheer werd in 1972 geopend. Het is een van de bekendste gebouwen van Hertzberger en een belangrijk voorbeeld van het Nederlandse structuralisme. Het kantoor was ontworpen vanuit ideeën over ontmoeting, verbinding en toe-eigening. Vandaag is die relatie het tegenovergestelde: het gebouw is hermetisch afgesloten, er vinden geen ontmoetingen meer plaats en niemand eigent zich de omgeving nog toe.
De kantoorfunctie is al lang verdwenen en een nieuwe bestemming is nog niet vastgelegd. De gemeente Apeldoorn heeft het complex en de omliggende gronden in eigendom en werkt aan een toekomst voor het gebied. In juni is het gebouw aangewezen als rijksmonument. Reshuffled Scenes richt zich bewust niet op de vraag wat het gebouw moet worden. Linck en De Ceuster onderzoeken wat er juist in deze tussenfase zichtbaar en ervaarbaar wordt. “Het gaat me om het gebouw zoals het nu is: in transitie, en een beetje aan zijn lot overgelaten”, zegt De Ceuster.
Waarde geven aan wat geen functie meer heeft
Ronald de Ceuster uit Zutphen is beeldend kunstenaar en was lange tijd docent scenografie bij de opleiding Artisteducator in Theater&Media van ArtEZ. Heidi Linck uit Ede is beeldend kunstenaar, onderzoeker en docent beeldend bij de docentenopleiding van ArtEZ. Allebei werken ze met ruimtes. “Ofwel reageren we op ruimtes, ofwel creëren we zelf ruimtes”, zegt De Ceuster.
Wat hem aantrekt, zijn plekken waar anderen aan voorbijgaan. “Ik ben altijd geïnteresseerd in situaties of ruimtes die geen betekenis meer lijken te hebben. Die geen waarde hebben, waar we overheen kijken of die als afval worden gedefinieerd. Die wil ik toch een waarde toekennen. Dat is ook wat mij aantrok aan dit gebouw: het is ontdaan van een functie, zodat het alleen nog maar materiaal is. Wat stelt het dan voor? Dan wordt het eigenlijk op zichzelf teruggeworpen.”
Het was Linck die hem uitnodigde voor het project. Ook zij werkt met verlaten ruimtes, waar zij de spanning tussen de architectuur als ordening van ruimte en gedrag en het verval als ontregeling daarvan onderzoekt. De Ceuster had al ervaring met een pand in een vergelijkbare situatie: bijna een jaar werkte hij in de oude Roto drukkerij in Deventer, die gesloopt werd. “Ook dat pand was nog zonder bestemming, in transitie. Dat maakt de Hertzberger ook zo interessant.
Verval en een gebrek aan zorg
Een persoonlijke herinnering aan het gebouw van vroeger heeft De Ceuster niet. Zijn band ontstaat door het werk. “We gaan er vaak langs en doen beeldende ingrepen.” Wat hem daarbij het meest raakt, is het verval. “Dan denk ik: jeetje, hoe krijg je het voor elkaar om zo met een gebouw om te gaan? Het heeft onder water gestaan, alle ruiten zijn kapot en je kunt er niet meer in. De mensen die er omheen bewegen, zijn vaak kwetsbaar of dakloos. Die hele omgeving is er een van verval en van een soort gebrek aan zorgzaamheid.”
“Op het moment dat de bestemming weg is en er geen bewoners meer zijn, wordt zoiets aan zijn lot overgelaten. Dan wordt het een gesloten bastion, een soort bunker. Terwijl Hertzberger juist een open stad beoogde. En nu is het hart van de stad dicht.”
Tegelijk kan het gebouw ook onverwacht mooi zijn. “Soms staan we ineens foto’s te maken, omdat het zo mooi kan zijn. Hoe platen uit een raam hangen, of toen het nog onder water stond en er een deur op dat water dreef. Toen zeiden we: het lijkt wel alsof we een gebouw fotograferen zoals we die zien tijdens de oorlog in Oekraïne. Dus wat is dit eigenlijk voor esthetiek waar we mee bezig zijn?”
De ruimte als materiaal
Linck en De Ceuster gebruiken een gebouw niet als achtergrond voor een kunstwerk, maar onderzoeken hoe de ruimte zelf het werk kan worden. Ze maken zichtbaar wat er al is en voegen daar een tijdelijke laag aan toe. Bij Hertzberger is het juist de ontoegankelijkheid die de verbeelding activeert.
Dat doen ze onder meer met wandelingen rond het gebouw. Tijdens DE OMLOOP lopen deelnemers van ACEC naar De Hertzberger, zoals het gebouw ook wordt genoemd, met muziek van componist en hoornist Jeroen van Dijk. Iedere deelnemer neemt een zelfgekozen object mee dat bij het gebouw wordt achtergelaten. De route is een ode aan het gebouw. Tijdens een tweede wandeling, Dark Entries, haalt Linck met een theaterspot delen van de architectuur uit het duister. Van 28 november tot en met 10 januari is bij ACEC een totaalinstallatie te zien met foto’s, video’s, notities, objecten en procesbeelden. Het hek is daarbij geen grens die overwonnen moet worden, maar een aanleiding om een andere vorm van toegang te zoeken.
Aandacht en zorg
De Ceuster hoopt dat Apeldoorners anders naar het gebouw gaan kijken. “Ik zou het mooi vinden als ze het zien als een zelfstandig iets, dat ook aandacht en zorg verdient. Onafhankelijk van de bestemming die het krijgt.”
Komt er bijvoorbeeld een politiehub, dan zal het gebouw weer worden opgeknapt. Maar zolang dat niet gebeurt, blijft de vraag wat je ermee doet. “Het is duidelijk dat het de komende jaren staat te wachten tot er een bestemming is, of tot er geld mee verdiend kan worden. Wat doe je dan met zo’n gebouw?” Moet het blijven zoals het nu is? “Ik denk dat er andere opties zijn.”
