Superleed 3

Donderdag 24 februari 2011

Door Peter Vroon

De man achter de supermarktkar is een volhouder. Duwend en vol uithoudingvermogen gaat de man de supermarkt door, nu nog met een beetje energie.
Voor de kar loopt een dartelende vrouw met ogen die vooral kijken naar de aanbiedingen, welke uiteraard eerst zorgvuldig zijn uitgezocht door haar. Het aanbiedingskrantje was mooi en in de supermarkt loopt ze met pen en papier alles door te strepen. Ondertussen heel gelukkig kijkend naar de volle kar.
De man begint echter steeds donkerder en geergerder uit zijn ogen te kijken. Hij had zijn vrije dag anders voorgesteld. Elke keer hetzelfde ritueel! Halverwege de winkel staat de man op ontploffen en wil eigenlijk heel hard wegrennen, zijn vrouw en kar achterlatend. Maar dat doet hij niet want dat heeft consequenties voor de rest van het weekend.
Eigenlijk wil hij lelijk gaan doen maar hij houdt zich in. Temeer omdat de winkel ook nog eens vol is met andere duwmannen.
De duwmannen hebben iets gemeen: ze torsen hetzelfde leed. Een troost: dat geeft verbondenheid in deze hel van volle karren.
“Schat, kan ik wat voor je pakken?” braakt de duwman nog net uit zijn strot. De vrouw zegt: “Nee lieverd, ik weet wat ik moet hebben en jij niet. Je komt hier te weinig.”
Kijk dat is nu superleed; de gemuilkorfde man geklonken achter de volle kar.

Onze nieuwsbrief

Elke maandag ons nieuws in de mail?

Meer lezen over stad

REACTIES

Elke maandag ons nieuws in de mail?