Genieten van Metropole Orkest en crooners

Vrijdag 27 september 2019

Door David Levie

Wel eens van crooners gehoord? Gisteravond (donderdag 26 september) stonden er maar liefst 3 in de Hanoszaal Van Orpheus. Begeleid door de welluidende klanken van ’s lands beste orkest op het gebied van ‘de lichte muziek’: Het Metropole Orkest. Deze keer onder leiding van dirigent Chris Walden. Een bijna volle zaal zat erbij en luisterde ernaar. Een welbestede avond waarop de aanwezigen zich met enige regelmaat in de Verenigde Staten waanden.

Want het was Amerika troef daar in Orpheus. De zangers Jan Dulles, Jim van der Zee en Ruben Hein vertolkten nummers waarmee stars als Frank Sinatra, Dean Martin, Nat King Cole, Sammy Davis en een handvol andere crooners groot zijn geworden.

Crooner is een begrip in de USA. In het Nederlands laat het zich lastig vertalen. De Vlamingen hebben er wel een woord voor dat het genre enigszins benadert: charmezanger. Maar dan denk je ook aan smartlappen en dan sta je meteen op het verkeerde been. Een crooner is een showman die met een zachte, lage stem een intieme sfeer weet te scheppen. En daarin slaagden de heren Dulles, Van der Zee en Hein alle 3. Ze zaten voor de vorm aan een tafeltje in de hoek van het podium om beurten wat gekunsteld ‘scotch’ weg te werken. Weliswaar waren bovengenoemde wereldsterren vrijwel allen dol op de fles en de fles op hen, maar het vakmanschap van de 3 crooners en hun interpretatie van de songs (vooral niet imiteren en dichtbij huis blijven) maakten decorstukken overbodig.

Ook al doordat podium en achtergrond waren gevuld met muzikanten die niet voor niets zijn uitverkoren, voor een orkest dat in staat is een programma op zich te vullen met hedendaagse én inmiddels nostalgische klanken. Een gelauwerd gezelschap dat in het verleden met hoogvliegers als Ella Fitzgerald en Dizzy Gillespie mocht samenwerken. Een orkest waaraan altijd de naam van Dolf van der Linden verbonden zal blijven. Als dirigent vertegenwoordigde hij Nederland jarenlang op het Eurovisie Songfestival in de dagen dat de liedkunst hoog in het vaandel stond en belangrijker was dan het spektakel daaromheen. Teddy Scholten, Corry Brokken en Lennie Kuhr dirigeerde wijlen Dolf bekwaam naar de eindzege.

Een orkest van statuur dus. Jan Dulles, die als showman met zijn stem nog het meest in de buurt kwam van de Amerikaanse megasterren, was daarvan het meest onder indruk. Hij zag zijn droom op onder meer een Apeldoorns podium uitkomen. En dat zeggen we zonder Hein en Van der Zee tekort te doen. De een speelt uitstekend piano, de ander weet wel raad met de elektrische gitaar. Vakmensen die gisteravond samen met Dulles bekend en minder bekend werk uit de oude Amerikaanse doos ten gehore brachten.

Nu is Amerika een relatief jong land, dus zo oud zijn die songs nou ook weer ook niet. Zeker niet als ze eigentijds worden gearrangeerd, dan is het bij die evergreens genieten geblazen. Van New York, the city that nevers sleeps tot het o zo gevoelige mr. Bojangles.

Dolf van der Linden, de vader van het Metropole Orkest, zoals zijn biograaf Bas Tukker hem in zijn boek noemde, zal vanaf zijn wolkje het avondje Orpheus met een tevreden gevoel hebben gadegeslagen. Zijn erfenis is in goede handen. Een nalatenschap die zo langzamerhand tot nationaal erfgoed is verheven. Iets voor Dolf om trots op te zijn.

Dutch Crooners met Metropole Orkest. Donderdag 26 september in Hanoszaal Orpheus.

Onze nieuwsbrief

Elke maandag ons nieuws in de mail?

Meer lezen over cultuur

REACTIES

Elke maandag ons nieuws in de mail?