In Beeld: dichter Sietse Terpstra

Zaterdag 27 februari 2021

De Apeldoorner Sietse Terpstra bracht kortgeleden zijn dichtbundel ‘Altijd onderweg’ uit. Sinds 2004 heeft hij inmiddels al 17 bundels het licht doen zien. We spraken hem over zijn passie voor dichten, maar ook over zijn passie voor muziek en theater.

Over Sietse:

  • Geboren: 5 september 1984
  • Ouders: Douwe en Hilda
  • Broers-Zussen: 3 broers en 3 zussen
  • Meest trots op: mijn neefjes en nichtjes
  • Raakt geïnspireerd door: de natuur
  • Hekel aan: drukte
  • Is gek op: muziek
  • Welk boek ligt er op je nachtkastje: A joy forever – de mooiste liefdesgedichten uit de wereldliteratuur, samengesteld door Menno Wigman
  • Waar mogen ze je ’s nachts voor wakker maken: Eigenlijk nergens voor, ik houd enorm van slapen

Hoe is je belangstelling voor de dichtkunst ontstaan?

“Ik denk dat ik vanaf mijn kindertijd al bezig was met schrijven. Niet heel bewust als dichter of kunstenaar, als kind ik vond schrijven leuk Dan ging ik bijvoorbeeld al in de zomervakantie sinterklaasgedichten schrijven. Het bleek ook dat ik er wel redelijk goed in was. Ik ben eigenlijk gewoon gaan dichten, in eerste instantie voor mezelf. Ik was helemaal niet bezig met andere mensen die het zouden lezen als kunst.”

 

“De emoties vloeien gewoon rechtstreeks op het papier.”

 

Wanneer schreef je je eerste dichtregels en weet je nog hoe die luiden?

“Echt vanuit mijn kindertijd weet ik dat niet meer. Ik heb wel in een boekje nog iets staan van toen ik 14 was. Ik woonde toen een tijdje niet thuis en het ging er vooral over dat ik naar huis wilde. Het waren echt heel simpele gedichtjes van 2, 3 of 4 regels.”

Hoe heb je je de dichtkunst eigen gemaakt?

“Ik ben er eigenlijk gewoon mee begonnen, net zoals ik met veel dingen doe. Zoals met schilderen of gitaar spelen. Gaandeweg heb ik het een beetje geleerd. Niet door les maar door te doen. Ik werk ook niet volgens vaste schema’s, het gaat heel intuïtief. Van school herinner ik me niet dat we heel veel met poëzie bezig waren.”

Wie zijn daarin je leermeesters geweest?

“Niet in de zin dat ik er het schrijven van geleerd heb. De gedichten van Willem Wilmink en Toon Hermans spreken me wel heel erg aan. Dat lijkt best wel op hoe ik zelf schrijf. Zeg maar in gewone mensentaal, daar hou ik wel van. Dat je gewoon weet waar het over gaat. Niet zweverig of vergezocht, niet expres moeilijk doen om het interessant te laten lijken. De emoties vloeien gewoon rechtstreeks op het papier. Dat is wat ik wil.”

Beoefen je je andere kunstdisciplines naast het dichten?

“Ik ben muziek gaan maken door mijn gedichten zelf op muziek te zetten om ze te kunnen zingen. Sommige gedichten worden zo uiteindelijk ook liedjes. Vorig jaar wilde ik al heel veel optreden, maar dat is er vanwege de welbekende reden niet van gekomen. Ik begeleid mezelf op gitaar en sinds een jaar speel ik ook piano. Ik heb daarvoor pianolessen genomen. Ik deed het al wel, maar qua vaardigheden was er nog veel te leren. Daarnaast schilder ik en speelde ik ook nog in het theater. Ik ben altijd creatief bezig.”

 

“Boosheid levert nooit mooie teksten op.”

 

Werk je er ook nog naast of kan je leven van de dichtkunst?

“Nee, ik werk gewoon. In de schoonmaak bij kantoorpanden en dergelijke. Daarom werk ik ook vaak ’s avonds buiten kantoortijd. Er is geen opleiding voor, (lachend) dat kan gewoon iedereen. Ik heb wel mijn havodiploma en ik heb korte periodes gestudeerd maar niet afgemaakt. Ik zie dit werk als een soort overbrugging. Ik ben met sparen begonnen om daarna weer te gaan studeren of iets voor mezelf te beginnen.”

Wat zijn voor jou inspiratiebronnen?

“Met dichten is het eigenlijk heel simpel, vaak gaat het over dingen die ik voel of meemaak. Ik ben ook veel aan het wandelen. Dat is ook heel prettig, want dan kan ik goed nadenken. Je komt dan ook veel in de natuur en dat is ook een goede inspiratiebron. Ik denk dat ik het afgelopen jaar meer dan eerder natuurgedichten heb geschreven. Ik ben wel een vaste bezoeker van Berg en Bos geworden. Ik kom er wel 2 of 3 keer in de week voor minstens een uur.”

Zit er een bepaalde thematiek in je werk?

“De natuur zeker, maar ook de dingen die je meemaakt. Van verdrietige dingen tot de liefde. Ik ben niet zo van de actualiteit en politiek getinte zaken, eigenlijk zelden tot nooit. En boosheid levert nooit mooie teksten op. Soms schrijf ik ze wel, maar gooi ik ze daarna weer weg. Ze komen in ieder geval niet in een bundel.”

Is de coronapandemie nog van invloed geweest?

“Er zijn in de laatste bundel wel wat gedichten gekomen over bijvoorbeeld eenzaamheid en andere lastige dingen. Ik vind dat gedichten een beetje tijdloos moeten zijn. Over 10 jaar moet het ook nog te lezen zijn.”

 

“Voor mij is optreden ook een soort uitje.”

 

Hoe spannend is het om weer een bundel uit te geven?

“Ja, dat is het wel. Maar omdat ik ze volledig in eigen beheer uitgeef, dan weet ik dat het komt en hoef ik niet naar een uitgever toe om af te wachten of ze het wel of niet uit gaan geven. Ik ben vooral benieuwd wat mensen ervan vinden. Ik maak meestal een boek per jaar en zet ze ook wel op sociale media. De meeste mensen lezen vluchtig en tegen het eind van het jaar zijn ze die wel weer vergeten. Als het dan in boekvorm verschijnt weten ze het wel weer. Gemiddeld zitten er zo’n 100 gedichten in. Ik ben overgestapt van de uitgever Lulu naar  de online dienst van Brave New Books, die vind ik prettiger. Je kunt een ISBN-nummer kopen en zij zorgen ervoor dat het overal online komt te staan. Op Bol.com kan je het ook gewoon bestellen.”

Ik zag dat al je bundels een mooie omslag hebben. Maak je die zelf of doet iemand anders dat voor je?

“Ja, dat klopt. Soms is het van een schilderij of een andere keer een foto die ik zelf heb gemaakt. Voor de laatste bundel heb ik de foto laten maken door mijn schoonzusje. Ik ben het zelf maar dan op de rug gezien. Ik ga er niet zelf prominent met mijn hoofd op staan.”

Je doet ook nog aan muziek en theater?

“Kleine muziekoptredens, zoals Cultuur bij je Buur waar ik in 2019 aan heb meegedaan. Afgelopen jaar in september nog een optreden in Zevenaar. Daarnaast heb ik regelmatig meegedaan aan de musical ‘A Christmas Carol’ van Aad van der Waal. Een paar jaar geleden deed ik mee aan de grote productie ‘Peer Gynt’ door het Apeldoorns Symfonie Orkest en Theater Merlijn in Orpheus voor zo’n 800 mensen.”

Wat zijn je plannen voor de toekomst?

“Ik heb wel creatieve ideeën. Sowieso blijf ik schrijven. Ik zit ook nog wel te denken aan een solo theaterprogramma met eigen teksten en liedjes. Dat lijkt me heel erg gaaf. En als het weer kan wat vaker optreden met muziek en eventueel theater. Online optreden is niet mijn ding. Voor mij is optreden ook een soort uitje. Ik maak er dan een beetje een show van met speciale kleding.”

 

Onderstaand een gedicht uit de laatste bundel van Sietse: 

Altijd onderweg

Ik ben altijd onderweg
Ook als ik stil sta, of ik slaap
Verhalen, die ik samenraap
Er melodieën onder leg
Zo ben ik altijd onderweg

Altijd kijk ik om me heen
En al loop ik vaak alleen
Echt eenzaam is het ook weer niet
‘t is gewoon maar wat je ziet
Zo kijk ik altijd om me heen

Van de regen in de drup
Achter de wolken, komt de zon
Ik droomde dat ik vliegen kon
Met beide voeten op de grond

Zomaar ergens, overdag
En in mijn hoofd, schrijf ik ze op
Al die verhalen, door mijn kop
Waarvan ik zelf het ritme vond

Zo bedoel ik, onderweg
Het is nooit stil staan, als ik slaap
Alsnog de dromen samenraap
Er melodieën onder leg
Zo blijf ik altijd onderweg

 

 

Onze nieuwsbrief

Elke maandag ons nieuws in de mail?

Meer lezen over ondernemen

ONDERWERPEN

In Beeld Portretten

Elke maandag ons nieuws in de mail?