Een steen als herinnering aan een omgebracht leven
Door Jos Fluitsma
Het zijn er 420, 420 stenen met een naam erop. Sinds 2018 zijn bij 135 adressen in Apeldoorn gedenkstenen gelegd voor Apeldoornse Joden die tijdens de Tweede Wereldoorlog vanuit hun woningen zijn weggevoerd naar vernietigingskampen. Op 11 september werden de laatste 4 gedenkstenen gelegd. Om daarbij stil te staan was er een bijeenkomst met toespraken, gedichten en muziek.
“Iedere gedenksteen herinnert ons aan een mens”
Dat zei burgemeester Ton Heerts in zijn toespraak. “Iemand die daar zijn of haar leven leidde. Iemand met familie, vrienden en buren, met werk, met dromen en met een dagelijks leven. Iemand die onderdeel was van de Apeldoornse gemeenschap.” Met de stenen krijgen alle 420 mensen weer een zichtbare plek in Apeldoorn. Ze herinneren aan het leven van Joodse Apeldoorners die tijdens de oorlog werden vervolgd, gedeporteerd en vermoord. Voor nabestaanden heeft de steen een bijzondere betekenis. Van veel mensen die zijn vermoord is geen graf bekend. Er is geen plek waar familie naartoe kan om een naam te noemen. Een gedenksteen kan zo’n plek zijn. Veel nabestaanden uit de Verenigde Staten, Duitsland, Frankrijk, Israël en Italië zijn al naar Apeldoorn gekomen om stil te staan bij de gedenksteen van een familielid.
De namen en verhalen blijven
Een belangrijke betekenis van de stenen is dat ze zeggen: Jij bent hier geweest, jij hoorde bij deze stad, en we zijn je niet vergeten. “De stenen zijn niet alleen stenen van herdenking”, zei burgemeester Heerts. “Ze zijn ook een opdracht aan ons allemaal. Om te blijven kijken. Om te blijven leren. Om uitsluitingen en antisemitisme te herkennen wanneer het begint. En niet weg te kijken. Zolang we de namen blijven noemen, worden ze niet vergeten. Blijven ze onderdeel van Apeldoorn. Daarom mogen we ze nooit vergeten. En moeten we de verhalen blijven vertellen, ook en vooral aan volgende generaties.” Heerts is blij dat leerlingen uit groep 7 en 8 les krijgen over de Joodse geschiedenis van Apeldoorn. Ze lezen verhalen van kinderen die tijdens de oorlog leefden en leren zo wat er in hun eigen stad is gebeurd. Er waren ook altijd leerlingen bij de ceremonie voor het leggen van een gedenksteen. Zo kwamen ze op de plek waar mensen daadwerkelijk hebben gewoond. Zo gaat de geschiedenis voor hen meer leven.
Een mens is pas vergeten wanneer zijn naam niet meer wordt genoemd
‘Omgebracht’ staat op de stenen
Voor dat woord is bewust gekozen, omdat het woord betekent dat iemand er bewust over heeft nagedacht iemand anders van het leven te beroven. De laatste 4 van de 420 gedenkstenen liggen nu bij de woning aan de Paslaan 25. Op de tegels staan de namen van het gezin Trijbits.
Isaac Trijbits
Groenlo, 8 augustus 1886 – Sobibor, 26 maart 1943
Belia Trijbits-van Son
Apeldoorn, 16 mei 1887 – Sobibor, 26 maart 1943
Sera Carolina Trijbits
Groenlo, 26 juni 1917 – Sobibor, 14 mei 1943
Leo Trijbits
Groenlo, 4 november 1921 – Auschwitz, 28 februari 1943
Het gezin Trijbits komt in 1928 in Apeldoorn wonen. Daar overlijdt dochter Carolina, 15 jaar oud, aan een longembolie. In 1936 verhuist het overgebleven gezin naar de woning aan de Paslaan 25. In oktober 1942 worden ze gedwongen deze woning te verlaten, omdat die door de Duitse Wehrmacht in beslag is genomen. Zoon Leo overlijdt in februari 1943 in Auschwitz. Isaac en Belia worden op 26 maart 1943, direct na aankomst, in de gaskamers van Sobibor van het leven beroofd. Twee maanden later wordt ook Sera Carolina daar omgebracht.
Nu woont Irma Jager in de woning
“Het is een huis met heel veel geschiedenis”, vertelt Irma. “Toen we 40 jaar geleden de sleutel kregen vonden we op zolder bijbels en papieren van bedrijven, ook Joodse bedrijven. Dus we wisten dat hier een Joodse familie had gewoond. Later hoorden we wie hier hebben gewoond en dat ze de oorlog niet hebben overleefd. We hebben ook bouwtekeningen gevonden van de verbouwing tot huissynagoog in 1960.” De synagoge die schuin tegenover Paslaan 25 stond, was in de nacht van 1 op 2 augustus 1941 in brand gestoken door NSB’ers. Daarom werd na de oorlog Paslaan 25 als noodsynagoge gebruikt. Irma: “Ik kom elke keer weer iets meer te weten. Zo hoorde ik vandaag dat het huis was gevorderd door de Duitsers, dat wist ik nog niet. Door de gedenkstenen word ik met de neus op de feiten gedrukt. Ik zie de stenen en ik zie ook dat de mensen die langslopen blijven staan. Ik word wel eens aangesproken en kan dan een klein beetje van de geschiedenis vertellen.”
Woorden om over na te denken
Elke keer als er een gedenksteen werd gelegd, werden een paar woorden uit de Talmoed voorgelezen. Dat gebeurde op 11 september ook. Woorden die al eeuwen geleden zijn opgeschreven, en waarmee elke generatie te maken krijgt en over moet nadenken.
Let op jouw gedachten. Zij worden jouw woorden.
Let op jouw woorden. Zij worden jouw daden.
Let op jouw daden. Zij worden jouw gewoonten.
Let op jouw gewoonten. Zij worden jouw karakter.
Let op jouw karakter. Dat wordt jouw lot.
QR-codetegels vertellen het verhaal
De werkgroep Gedenkstenen Joods Apeldoorn kon de 420 gedenkstenen leggen dankzij de hulp en medewerking van de gemeente Apeldoorn, diverse kerkelijke instellingen en veel donateurs. De werkgroep heeft veel onderzoek gedaan om de levens zichtbaar te maken van Apeldoornse Joden die tijdens het Tweede Wereldoorlog werden vervolgd en vermoord. Vaak kon de familie weinig vertellen over het leven van hun Joodse voorouders. Overlevenden spraken thuis bijna niet over de oorlog. Het zwijgen was voor velen een manier om met het leven om te gaan. De werkgroep sloot op 11 september het project af. De zorg voor de 420 gedenkstenen heeft de werkgroep overgedragen aan de gemeente. De werkgroep stopt nog niet helemaal. Ze werkt aan een boek waarin zo’n 20 verhalen van Joodse inwoners van Apeldoorn een plek krijgen. En ze gaat de komende maanden een QR-code plaatsen bij iedere plek, ieder adres, waar nu een of meer gedenkstenen liggen. Zo kan iedereen ook op de plek zelf de verhalen lezen over de mensen achter de gedenkstenen.
