Licht is overal

Zondag 8 juli 2012

Door bazbo

Marcel Mooij

Zo ver, zo vreemd en zo veilig. Raar dat het zo voelt en toch ook niet.
Farsta Gård is een soort landgoedje. Het bestaat uit een houten hoofdgebouw met enkele schuren en opslagruimtes ernaast. Erachter liggen velden, die zijn omringd door bomen, hagen en bloemen.
Bloemen zijn overal. Vooral in de haren van vrouwen, meisjes en kinderen. Sommigen dragen traditionele kledij. Iedereen is blij.
De zon schijnt. Mooier konden we het niet treffen. Even staan we met open mond te staren naar het roodgeverfde hoofdgebouw en naar de groene grasvelden erachter. Het is schitterend. Er klinkt vrolijke volksmuziek. Viool, gitaar, accordeon.

We gaan de trap af en zoeken een plekje op het grasveld. Pia heeft een kleed meegenomen; daar kunnen we op zitten. Iedereen die langskomt kent Pia. Ze doet iets in het jongerenwerk en geniet nogal wat aanzien. We kunnen niet verstaan wat de mensen tegen haar zeggen, maar merken dat het respectvol en bewonderend is.
In het midden van het grasveld is een stuk afgezet. Hier gaat het gebeuren. Vrouwlief en ik zitten in de schaduw; Annemarieke en Pia in de zon. Jerome is een rondje gaan lopen. Hij kan niet lang stilzitten. ‘Het blijft een Fransman,’ zeg ik. Iedereen gniffelt. ‘Toch is het een goed idee om even rond te kijken.’ Vrouwlief gaat met mij mee.
We lopen naar het eind van het veld. Daar ligt een groot meer. Op de steiger is het druk. Als je goed luistert, hoor je watervogels boven de muziek uit. Het water weerspiegelt de zonnestralen. Je moet je ogen tot spleetjes knijpen, anders doet het felle licht zeer.
Langzaam lopen we terug. Het wordt al aardig druk. Mensen hebben stoeltjes, kleden en koelboxen mee. Enkelen zijn al aan het barbecuen. Bij een kraampje kopen we koffie met kanelbölle voor iedereen.

Dan begint het. Een man in traditionele kleding begint op zijn accordeon te spelen. Een andere man vertelt iets en zingt. Ik sta op en trek mijn fotocamera tevoorschijn. Eerst wat foto’s maken, dan ga ik filmen. De mannen spelen en zingen vol overgave. Ik maak al filmend een halve ronde met mijn camera. Stik, ik heb het oprichten van de meiboom gemist. De groene paal met het symbool in de top staat al bijna helemaal rechtop. Ik pik het staartje mee. Men klapt en juicht. Langzaam komt de mensenmassa in beweging. Niet veel later danst iedereen om de paal heen. Hand in hand, een lange sliert van vrolijke mensen. Iedereen doet mee, jong en oud. Ik zie hele gezinnen. Ook zijn er ouderen. Sommigen met een rollator. Zij zitten langs de kant en kijken lachend toe. Lied na lied volgt.
Ik begrijp dat nu de kikkerdans komt. Iedereen springt en kwaakt in het rond. Dan komen de olifanten en varkens aan de beurt. ‘Olifanten en varkens?’ zal Sven later verbaasd uitroepen. ‘Vroeger waren het alleen nog kikkers, maar nu is het lied uitgebreid met een arsenaal olifanten en varkens. Maar goed dat ik er niet bij was!’

Net zo plots als het is begonnen, is het dansfestijn ook weer afgelopen. Er komen nog wat andere activiteiten, maar die wachten we niet af. We gaan.
Een half uur later zijn we bij het buitenhuisje van Sven en Annemarieke. Het ligt vlak bij een groot meer, op de dichtbeboste helling van een heuvel. Het huisje is klein. Er is stromend water, maar geen elektriciteit en toilet. Sven ontvangt ons. Hij heeft starköl en akvavit ingeslagen. Annemarieke begint met het voorbereiden van het eten. Binnen een half uur presenteert ze gevulde eieren met kaviaar en gerookte garnalen. Vrouwlief helpt met het schoonmaken en koken van de aardappelen.

Er is tussendoor tijd voor een wandeling. We klauteren de heuvel af en nemen een kijkje aan de rand van het meer. Verderop zitten gezinnen in de zon; enkelen hebben een barbecue aangestoken. Het land viert feest. ‘During the year, we live for eight months in the fucking dark,’ legt Sven uit. Hij spreekt zijn Engels met de Zweedse zinsmelodie. ‘Now we celebrate the light.’
‘Dus als we dit land willen veroveren, moeten we het vandaag doen,’ zeg ik.
‘Exactly,’ knikt Sven. ‘Everyone is filling himself with alcohol today.’
Een houten steigerpad voert ons langs de waterkant. Als het stopt, klimmen we de heuvel weer op. De paadjes zijn smal. Er staan meer huisjes tussen de bomen. Hier vindt men rust. Behalve vandaag. Als we bij het huisje terugkomen, kookt het water van de aardappelen.

Dan komt er nog meer bezoek. Mannen, vrouwen, kinderen, jongens. Iedereen schuift aan. Petter is er ook. Hij heeft zijn gitaar bij zich. We gaan aan de picknicktafel zitten en krijgen allemaal een kopje akvavit. Sven vraagt onze aandacht. Hij zingt een traditioneel gelegenheidsdrinklied. Petter valt in. Wij luisteren en heffen het kopje. Proost!
We eten aardappel met haring, die op verschillende manieren is gemarineerd. Heel lekker. Het is slechts een voorafje, want nu gaat de barbecue aan. Jerome en Petter zijn onze koks. Karbonades, paprika, paddenstoelen en worstjes.

Petter speelt gitaar. Hij zingt een lied van Cornelis Vreeswijk. Even lijkt het of ik me thuis voel. Ja, ik voel me thuis bij deze schitterende mensen en nee, ik voel me hier ook vreemd. Het is in alle gevallen een prima gevoel.
‘Schat,’ zeg ik zonder woorden, ‘ik ben bang dat ik gelukkig ben.’
Zeker weten doe ik het niet, maar volgens mij begrijpt ze mij gelijk.

We eten, we drinken, we lachen. Het is feest.
Het is middernacht als iedereen weer naar huis gaat. We nemen afscheid van Pia en Petter en alle anderen. We blijven achter met Jerome en onze gastvrouw en gastheer. Samen ruimen we de ergste troep op. Het valt mee. Sven belt een taxi. Annemarieke is op de fiets.
Het wordt niet helemaal donker. De zon is onder, maar aan de horizon blijft de lucht licht en rood.

Thuisgekomen stort iedereen zo ongeveer in. Het was een lange en intensieve dag. De vele indrukken, de zon en de drank eisen hun tol. Moe dat we zijn. Zo ver en zo vreemd, en toch zo veilig en vertrouwd.
Niet veel later liggen Vrouwlief en ik tegen elkaar aan in bed. Zachtjes laat ik mijn handen glijden over de rondingen van haar lichaam. Dan richt ik mij op en kijk ik diep in haar ogen. Lachend fluister ik: ‘Gelukkige Midsommar.’
Licht is overal.


Apeldoorn, juli 2012


(Foto en eerste filmpje: Farsta Gård, Stockholm – vrijdag 22 juni 2012 – camera: bazbo
Tweede filmpje: Petter zingt Cornelis Vreeswijk – Farsta, Stockholm – vrijdag 22 juni 2012 – camera: bazbo)

Onze nieuwsbrief

Elke maandag ons nieuws in de mail?

Meer lezen over stad

REACTIES

Elke maandag ons nieuws in de mail?