Apeldoorn – De ramp van 1946

Maandag 4 augustus 2014

Door Bert Huisman

Bert Huisman


‘Het was ook een vliegtuig,’ zegt Karel Weerman vrijwel niet hoorbaar. ‘Mijn neef Pieter Weerman is bij dat tragische voorval omgekomen, hij was een van de tweeëntwintig en kon geen kant meer op. Hij verbrandde levend.’

Als Max Christern op maandag 7 oktober 1946 van zijn ouderlijke woning in Apeldoorn terugkomt op marinevliegbasis Valkenburg hebben zijn superieuren goed nieuws voor hem; ‘hij is goedgekeurd’. In een euforische stemming stijgt hij die ochtend op voor een oefenvlucht met een Fairey Firefly en zet vrijwel direct koers naar Apeldoorn. Boven het Marktplein van Apeldoorn perst Max Christern alles uit de snelle, wendbare Firefly, hij laat het gas los zodat het toestel naar beneden duikt en trekt vervolgens met brullende motor weer op. Vanaf het Marktplein gaat Max Christern richting de Ribeslaan waar zijn moeder woont. Soldaten in een legerkamp aan de Vliegerlaan zien het toestel aankomen en in de Christelijke HBS aan de Jachtlaan hoort men het toestel laag overkomen.

Om plusminus 11.20 uur komt de Firefly zo laag bij de grond dat het vliegtuig de schooltoren van de HBS dreigt te raken. Christern probeert dit te voorkomen, maar treft met de rechtervleugel de linkerhoek van het hoofdgebouw. De brandstoftank aan de onderzijde van de Firefly raakt de gymzaal en scheurt open. Het toestel vliegt met hoge snelheid in een aantal aanwezige bomen achter het schoolgebouw en slaat te pletter. Max Christern komt bij de crash om het leven.

In de gymzaal zijn op dat moment 27 leerlingen van klas 2C onder leiding van gymleraar Dobbenga bezig met een vrije oefening. De brandende vliegtuigbenzine verspreidt zich als een vuurbol door de zaal, dakbalken komen brandend naar beneden en de verzengende hitte maakt direct slachtoffers; ‘enkele leerlingen sterven vrijwel onmiddellijk’. De anderen rennen in paniek alle kanten op en sommigen springen uit pure wanhoop in de vijver naast de school. De hulpverlening komt spoedig op gang, de brand wordt snel geblust en de gewonden worden met spoed vervoerd naar het ziekenhuis. Er overlijden 22 jongens aan hun verwondingen en de moeder van de Christern overlijdt, door de gebeurtenissen, aan een hartaanval.

Onder grote belangstelling worden de slachtoffers begraven op de begraafplaats aan de Soerenseweg. Een stille tocht wordt niet georganiseerd, aan het schrijven van columns doet men niet en het applaus ontbreekt. Tijdens het voorbijtrekken van de stoet is het stil, doodstil en dat minuten lang.

Onze nieuwsbrief

Elke maandag ons nieuws in de mail?

Meer lezen over cultuur

REACTIES

Elke maandag ons nieuws in de mail?