Huilen in Wenen (4)

Zondag 20 januari 2013

Door bazbo

Zaterdag

Worden we wakker? Of is dit een droom? Het is de harde werkelijkheid. Ik spoel hem af onder de douche. Om negen uur zijn we klaar voor het ontbijt.
In the breakfastroom treffen we onze Noorse vrienden Jan, Anne en Erik. Wat gaan jullie doen? Zij willen iets van de stad zien, zeggen ze. We kennen ze: dat zijn vooral de cafés en de wijnhuizen. Ik geef ze het adres van de kleine wijnboer en restaurant Findlmüller vlakbij de Stephansdom. Ze zullen het onthouden, zeggen ze. Ja ja. En wij? Wij zijn al in het centrum van de stad geweest. Voor ons staat er iets anders op het programma. Prima, dan zien we jullie vanavond weer in de Arena. Veel plezier!

Een half uurtje later zitten we in het trammetje van de Schlachthausgasse naar het metrostation. De aansluiting is perfect; iedere vier minuten komt er een metro voorbij. Het is druk in de ondergrondse. Dit keer hoeven we niet over te stappen en na een minuut of twintig stappen we uit. Het is een klein stukje lopen en dan staan we voor de ingang van het majestueuze Schloss Schönbrunn. Veel zien we er nog niet van, want de lage zon schijnt ons recht in de bek en doet de ogen tranen. Precies.

Eerst maar eens kaartjes kopen. Wat wil ik zien? In ieder geval de tuin en de dierentuin en de plantenkas. Verder eigenlijk niet zo. Er zijn wat rondleidingen en die kosten ieder twaalf tot zeventien euro. Met een Winter Pass mag je overal in, inclusief het paleis en de dierentuin en de plantenkas. Doe die dan maar. Kost wel vijfentwintig ballen. Nou ja, we zijn verder nog nergens in geweest, deze dagen. Maar waar haal je zo’n kaartje? Hier bij zo’n automaat? Dan maar even in de rij staan.
Na drie minuten sta ik voor een schermpje. Wat moet ik nou drukken? Ik zie nergens ‘Winter Pass’ staan, alleen ‘Royal Tour’ en ‘Emperor Tour’. Ik wil een Winter Pass. Wacht, boven ons hoofd hangt een bordje. Lees ik het goed? Als je een Winter Pass wilt, kun je die aan de balie bij een medewerker kopen. Ach zo. Bij de balie staat een rij van twintig minuten. Fijn. Laten we maar denken dat onthaasten bij de prijs is inbegrepen. Ik betaal met mijn tweede briefje van honderd.

We lopen door het paleis. Willen we een guided tour? Nee joh, ik ga niet anderhalf uur met zo’n telefoon aan mijn oor lopen. In het paleis vallen we van de ene keizerlijke kamer in de andere. Alles is potsierlijk aangekleed en ziet er majesteitelijk uit. Na vier kamers lijken ze allemaal op elkaar. Geen wonder dat die Sissi zich hier zo ongelukkig heeft gevoeld. En ook nog eens syfilis van d’r man opgelopen. Of was dat een ander? Ik vind het altijd mooi om van alles te zien; de diepere achtergronden vind ik niet eens altijd even interessant. Gelukkig mag ik niet fotograferen, dus duurt het niet al te lang.
Na een uurtje slenteren staan we weer buiten. Hoe komen we nu in het park en de tuin? Kijk, daar zijn bordjes.

Schloss Schönbrunn

We lopen het park in. Eerst tussen de bomen en laantjes door, maar wat later komen we bij de aangelegde siertuin. Van achterin de tuin heb je een schitterend uitzicht op het paleis. Maar als je nog verder naar achteren gaat, de heuvel op, dan kom je bij Gloriette, een prachtig paviljoen. Daar moet het uitzicht nog veel schitterender zijn!
Ik ga alleen omhoog. Vrouwlief blijft beneden op een bankje wachten. Ze is inmiddels twee jaar geleden genezen verklaard van de kanker, maar met haar conditie en energieverdeling lukt het nog altijd niet zo goed. Ik huppel naar boven. Hijgend kom ik aan bij Gloriette en inderdaad.

Paviljoen Gloriette bij Schloss Schönbrunn
De weg terug omlaag gaat veel sneller. Mijn kuiten doen zeer. Beneden zit Vrouwlief op mij te wachten. Tja, eeuwige trouw hadden we elkaar beloofd.
Hier heb je de ingang van de Zoo. Met ons kaartje kunnen we inderdaad naar binnen. Ik verwacht enkele herten, een koe en wat geiten, maar het blijkt de heuse dierentuin van Wenen te zijn. En groot ook! De oppervlakte van de dierentuin is niet eens indrukwekkend, maar men heeft gewoon goed gebruik gemaakt van de ruimte. Een deel van het park ligt op de heuvel, dus men heeft er kunnen werken met verschillende niveaus. Er loopt een paadje helemaal naar boven. Verhip, moet ik voor de tweede keer omhoog. Ik word beloond. Ergens naast het pad is een voederplaats voor de vogels die gewoon los in het bos vliegen. Het zijn de plaatselijke kool- en pimpelmezen, mussen, boomklevers en vinken die af en aan vliegen. Hier kan ik wel uren naar kijken, maar zo veel tijd hebben we niet. Naar beneden dan maar weer.
Wat? Ze hebben een reuzepanda! Daar komt-ie aangewaggeld. Ik heb mijn fototoestel in de aanslag om het perfecte plaatje te maken. Als het beest zich omdraait, gaat de staart omhoog. Drie dikke groene drollen komen tevoorschijn. Ze vallen op de grond uiteen. Bamboebladeren eet het beest en dat zie je. Dan heupwiegt de zeldzaamheid uit het zicht. Nou ja.

Pandabeer in de Zoo van Schloss Schönbrunn
Eindelijk koffie. En een broodje. Het is half drie. We besluiten nog een uurtje rond te kijken en dan terug te gaan naar het hotel. De plantenkas slaan we dus over. Dat is jammer, maar we hebben wel al een reden om ooit nog eens terug te komen hier. We zien het reptielenhuis, de orang oetans, de olifanten en de robben. Het gaat schemeren. Nu alweer? Nu alweer. We lopen nog een stukje door de tuin van Schloss Schönbrunn, genieten van de aanblik in het avondlicht en dan staan we bij de uitgang.
Op het metrostation bots ik tegen een schitterend meisje op. ‘Entschuldigung,’ lacht zij met een lief lachje. Zou ze ook zo lief naar me lachen als ze bloot bovenop mij zou zitten? Ik durf het haar niet te vragen. Die angsten van mij, hoe blijf ik ze toch overleven?

Tegen vijven zijn we weer in de Hauptstrasse-Landstrasse. Plots barst het er van de supermarkten. We zouden nog water kopen voor onderweg, morgen! In de supermarkt is wel water, maar we zoeken ons de takke naar water zonder bubbels. Hier! Het zijn wel literflessen. Is dat erg? Neen. Ik koop er twee. Dan gaan we het hotel binnen om onze tas van ons af te gooien. Even plassen en poepen en dan gaan we verder. Naar beneden dus weer. Op de trap komen we Erik uit Noorwegen tegen.
‘Hey, hello,’ zegt hij nogal onzeker. Ha, die is de hele dag bezig geweest met ‘de stad bekijken’. In zijn hand houdt hij een glas. ‘I’m going to Jan and Anne to drink some wine.’ Sure.
Arm in arm lopen we de Hauptstrasse-Landstrasse weer in. Bij Italiaans restaurant Modena bestellen we bier en pizza. Vrouwlief neemt een Pizza Porca en ik een Pizza Mozart. Mozart is belegd met bacon, ham, maïs en pepperoni. Smullen maar weer. Een tweede bier nemen we niet. Bij het afrekenen wijst de jongeman op mijn pols en zegt: ‘You’ve been to many concerts.’ Het zijn negen bandjes. Negen concerten in zevenenveertig jaar; ik vind het wel meevallen. Ik zeg het niet, bedank hem en betaal wat ik moet betalen. Snel trekken we onze jassen aan en vluchten naar buiten. Je weet het nooit met die spaghettivretende maffianichten.
In metrostation Rochusgasse pakken we de lijn naar de Arena. Daar zijn we weer. Daar zijn zij ook weer: Hasi en Kirsten en Paulus en Jan en Anne en Erik en Klaus. Proost!

Allahmachtig, wat is dat? Het lijkt wel of de wereld vergaat. Of wacht, het is het eerste bandje van vanavond. Ze zijn begonnen! We gaan kijken en luisteren in het zaaltje. Chuzpe 77 is ontzettend HARD en ontzettend slecht. Later horen we dat het een legendarische punkrockgroep uit de jaren zeventig was. De drie oerleden zijn voor deze gelegenheid na dertig jaar weer bij elkaar gekomen en hebben twee keer gerepeteerd. Dat laatste kan ik goed horen, ook als ik al lang weer in de ruimte van de bar zit.
De tweede band heet Candy Coloured Rain. Dit komt al aardig in de richting. Het is theatraal en baldadig in de beste Drahdiwaberl-traditie en bij vlagen nog grappig ook. Als je Duits verstaat. Oostenrijks Duits, dan.
Rotzpipn valt in voor een ander bandje. Het andere bandje kon op het laatste moment niet komen, omdat de gitarist zich in z’n vinger had gesneden. Vandaag nog hebben Hasi en Paulus deze band weten te strikken. Het betere kabaal, zal ik maar zeggen. Een liedje of twee is leuk (met de gehoorbeschermers in); dan vlucht ik weer naar het café.

In het café spreek ik Jan. ‘You’re travelling home by train, aren’t you?’ vraagt hij. No, we are. Hij vertelt dat hij nog een grote fles ‘bubblewine’ heeft en die kan hij morgenvroeg niet meenemen in het vliegtuig. Zijn hotelkamer is naast die van ons en hij zal ervoor zorgen dat we de fles morgenochtend vinden. Nice. Thanks!

Tarentatec plays Aufrichtiges Zappa
En dan komt Tarentatec. Hier komen we voor. Zij spelen de muziek van Frank Zappa op hun eigen manier. Eigenlijk zijn ze een lawaaipunkband, maar hebben ooit eens op een feestje een setje Zappamuziek gespeeld. Daar kwamen zulke goede reacties op, dat ze veel gevraagd worden voor Zappafeesten. Daarnaast zijn ze natuurlijk voor hun eigen publiek hun eigen herrie blijven maken.
Hun set zit vol met vooral het jaren zestig werk van Zappa. Mooi. Dat brullen we wel mee. Verrassende nummerkes. Zo is er The Planet Of My Dreams en Who Are The Brain Police? Het is rommelig, het is knullig, het is eigenlijk best slecht. Maar het maakt niet uit. We kennen het van binnen en van buiten, dus voelen we ons thuis. Het meesterwerk van vanavond blijkt Fountain Of Love. Maar als het nummer klaar is, blijkt het ook het einde van het concert te zijn. En van het festival. De lampen in de zaal gaan aan. Maar ze mochten toch nog wat langer doorgaan? Dit was nauwelijks een uurtje dat ze gespeeld hebben! We breken de boel af!
We gaan. We nemen afscheid van de dronken Noren, van Klaus en Kirsten en Paulus en Hasi. Dan lopen we naar het hotel. Buiten is het weer eens koud en de wind doet me huilen in Wenen.


Apeldoorn, december 2012

Lees ook:
Huilen in Wenen (1)
Huilen in Wenen (2)
Huilen in Wenen (3)

Portret auteur: Marcel Mooij
Overige foto’s en filmpje: bazbo

Kunt u de foto’s niet zien? Lees dan het stukje mét foto’s hier.

Onze nieuwsbrief

Elke maandag ons nieuws in de mail?

Meer lezen over stad

REACTIES

Elke maandag ons nieuws in de mail?