In Beeld: Annemarie Simonis; dokter op leeftijd, jong van geest

Zaterdag 10 februari 2018

Door Marianne Zegwaard-Waanders

Het accent van Annemarie Simonis verraadt een zuidelijke tongval. De Brabantse kwam in de jaren zeventig naar Apeldoorn. Inmiddels mag ze zich ook tot zeventig-plussers rekenen/. Het cv van Annemarie Simonis-Bik, voormalig kinderarts, is indrukwekkend. Op 23 november 2010 promoveerde zij aan de VU te Amsterdam en de titel van haar proefschrift luidde: Genetic influences on beta-cell function, a Dutch twin-family study: ,,We hadden zelf een tweeling en onze jongste heeft diabetes. Voor mij dus heel interessant te weten hoe de genen van invloed zijn op de functie van de zogenoemde.” Annemarie is een vrouw die weet wat ze wil.

Promoveren aan de VUmc

„Promoveren is zwaar, maar ik wilde mijn tijd nuttig besteden.”

Promoveren en niet meer werkzaam in de geneeskunde. Hoe is dat? ,,Ik heb er inderdaad zes jaar over gedaan. Na mijn ontslag in Emmeloord ben ik er aan begonnen nadat ik een oproep voor het promotieonderzoek in een vakblad las. En ik wilde mijn tijd nuttig besteden, dat kwam dus op het juiste moment. Ik deed het onderzoek samen met nog iemand, omdat het een groot onderzoek was. Uiteindelijk ben ik na drie jaar alleen verder gegaan. Het was een intensieve tijd. Veel geleerd, veel mooie dingen meegemaakt. Sta je ineens in het buitenland op een congres voor een zaal met professionals. Die mag je dan toespreken over het onderzoek.”

„Ineens zat ik met jonge mensen in de collegebanken.”

Op latere leeftijd weer studeren, is niet niks. ,,Nee, en ineens zit je weer met jonge mensen in de collegebanken. Ze vonden mij geloof ik wel een beetje vreemd. Ik ben er ook door gehard tot op zekere hoogte. Ik heb veel steun en hulp van mijn man gehad. Hij zei, je moet dit doen, waar het kan help ik je. Zo is het gegaan. Ik was destijds klaar op mijn 65ste. Daarna was ik nog wel arts, maar moest met pensioen in het VUmc. Aan de ene kant jammer, aan de andere kant is er dan weer ruimte voor wat anders. Eerst een paar jaar gewerkt als consultatiebureau arts en in de kinderpsychiatrie. In 2013 heb ik de studie psychologie opgepakt. Nog even over dat promoveren. Inmiddels liggen de resultaten van het onderzoek op de plank en er wordt veel gebruik van gemaakt.”

Doel voor ogen

„Als vrouw carrière maken was niet eenvoudig.”

Je hebt een indrukwekkende carrière. Annemarie lacht: ,,Ik hou van leren. Vanaf mijn 12e levensjaar wist ik dat ik kinderarts wilde worden, want ik hou van kinderen. Ik ging naar het Gymnasium in Eindhoven. Daarna heb ik in zeven jaar de studie medicijnen in Utrecht gedaan. Omdat ik trouwde, was er daar geen mogelijkheid om door te gaan voor kinderarts. In die tijd waren er in Utrecht alleen ongetrouwde vrouwen werkzaam in het ziekenhuis. In Tilburg heb ik hem tenslotte afgerond. Vanwege het werk van mijn man verhuisden we naar Engeland. Daar heb ik onder andere in het Royal Bompton Hospital mijn studie afgemaakt. Dat was heel interessant, ik heb er een eerste geval van kindermishandeling meegemaakt. Ik heb altijd belangstelling gehad voor psychosociale kindergeneeskunde. In Tilburg werkte ik vanuit de opleiding ook voor een medisch kleuterdagverblijf.”

„Kinderen hebben een speciaal plekje in mijn hart.”

Je keerde als kinderarts terug naar Nederland en via omzwervingen kwam je weer in het ziekenhuis. ,,Bij terugkeer was ik zwanger en dan kreeg je geen baan in het ziekenhuis. Maar ik wilde wat met kinderen doen, dus werd het een parttime baan als consultatiebureauarts voor kinderen van 0 tot 4 jaar in de Noord Oostpolder en de Flevopolder. In Almere bijvoorbeeld was in die tijd nog geen infrastructuur en moest ik me soms letterlijk een weg door de modder banen. Uiteindelijk ben ik daar weggegaan omdat ik het district werd opgesplitst en ik de Flevopolder kreeg toegewezen. Dat vond ik niet leuk. De artsen waren er gewend alles zelf te doen en van de fouten die op de consultatiebureaus gemaakt werken, kreeg ik een maagzweer. Veertien jaar heb ik uiteindelijk met veel plezier gewerkt bij een Medisch Opvoedkundige Bureau (later onderdeel van de R.I.A.G.G.). Maar ja, het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Het ziekenhuis bleef trekken en in de jaren ’90 kwam een functie als parttime kinderarts voorbij. Zo heb ik onder meer in Zutphen gewerkt.”

Een mooie baan, een fusie

„Een kind met Down, nou en?”

Dan is er eindelijk een mooie baan in Emmeloord. Annemarie nipt aan de thee: ,,Ja, dat was het. Eind 1999 kreeg ik een contract in het Dokter J.H. Jansenziekenhuis in Emmeloord. Ik heb daar de kindergeneeskunde uitgeoefend voor de bevolking uit de polder en Urk. Vooral de Urkernaren hebben een plekje in mijn hart. Prachtige mensen. Ze zijn zo gek met hun kinderen hé! Hoe ze reageerden op de geboorte van een kind met het syndroom van Down: Nou en?’ zeiden ze dan.

Ineens was er sprake van een fusie. ,,Ons ziekenhuis en Zuiderzeeziekenhuis in Lelystad moesten onder één bestuur gaan werken. In de jaren ’90 werkten de specialistenpraktijken nog geheel onafhankelijk van elkaar. Later bleek dat er veel in de achterkamertjes was beklonken. Medewerkers moesten ineens op de andere locatie gaan werken. Dat wilden ze niet, ik ook niet. Dat had ik al laten opnemen in mijn contract. Dat ziekenhuis liep niet zo goed en Lelystad had alle belang bij de fusie. Daarom verhuisden ze er de verloskunde en later de kindergeneeskunde naar toe. Ze wilden ook de touwtjes in handen hebben.”

„Ik ben niet bang en zeg wat ik er van vind.”

De fusie wordt er doorheen geduwd en oud-generaal J. W. Brinkman zal dat in banen moeten leiden. Annemarie wordt fel: ,,De onrechtvaardigheid, dat was zo erg. Daar heb ik slapeloze nachten van gehad. Mensen mochten ineens niet meer zelf kiezen naar welk ziekenhuis ze wilden. Ouders vonden het niet rechtvaardig en ik ook niet. Ik ben voor de kinderen gebleven trouwens. Anders was ik misschien zelf wel weg gegaan. In die periode kregen we een batterij aan managers, consultants en adviseurs over de vloer. Het was een chaos. Bestuurders, politici, medici en zorgverzekeraars lagen met elkaar overhoop.

Strijdbaar en bevlogen

„Ze vonden me bevlogen, maar de fusie was een feit.”

En de kwaliteit van de zorg? ,,Dat kun je denken. Zoals ik zei, een chaos. En omdat ik altijd voor mijn mening uitkom en niet bang ben, schreef ik een brief aan de directeur, aan Harry Borghouts Commissaris van de Koningin in Noord Holland en naar de inspectie. Dat ik het oneens was met de fusie en of ze zich wel realiseerden hoeveel kinderen in Emmeloord geholpen werden en hoe groot de afstand is naar Lelystad. Dat mocht dus niet.” Annemarie werd uitgenodigd voor een gesprek met de inspectie. Die vond haar een bevlogen kinderarts, maar de fusie was een feit.

„Alles werd erbij gehaald om mij zwart te maken.”

Wordt het dan niet vechten tegen windmolens? Strijdbaar zegt Annemarie: ,,Ik heb een lange adem hè. Het was heel vervelend, maar ik vecht tegen onrechtvaardigheid. Goed, het werd een rechtszaak dus. Ze hebben er echt alles bijgehaald om mij onderuit te halen. Ook dingen die gewoon niet klopten. Dat was vreselijk, heel oneerlijk. Er is veel meer verzet geweest hoor. Door artsen en verpleegkundigen, het kwam veel in de media. Uiteindelijk was het triest en ingrijpend. Voor zowel patiënten als personeel. Weet je dat er een boek is verschenen over dit bestuurlijke drama? De titel is ‘Diepe Sporen’ door Huib van der Wal en het beschrijft het machtsmisbruik en mismanagement.

,,Tja, zoals ik zei, de fusie ging door en de kinderafdeling werd ontmanteld en overgeplaatst naar Lelystad. Wat voor mij hartverwarmend was, waren de meer dan 9.000 handtekeningen van ouders die zich verzetten tegen mijn ontslag. Tot slot hierover: ik mocht dus niets meer naar buiten brengen. En dat heb ik toch nog een keer gedaan, richting zorgverzekeraar Het Groene Land/Achmea. Dat was de druppel. Toen ben ik op staande voet ontslagen.”

Nooit te oud om te leren

„Leren gaat niet over rozen.”

Op oudere leeftijd wat leren, waarom? ,,Het was voor mij vooral bewijzen dat een vrouw dat heel goed kan. En ik vond het ook leuk, anders red je dat niet. Je hebt doorzettingsvermogen, nieuwsgierigheid en discipline nodig. En volhouden, want het pad gaat nooit alleen maar over rozen. Maar, ik heb natuurlijk ook geboft. Mijn man heeft veel in het huishouden overgenomen. Inmiddels doe ik vrijwilligerswerk. En ik wil weten waarom mensen doen wat ze doen. Dat krijg ik door de studie psychologie aan de Open Universiteit inzicht in. De stage vond ik wel zwaar. Vier dagen per week vanuit de Universiteit van Nijmegen. Gericht op het creëren van een kleinschalige leefomgeving, die afgestemd is op dementerenden met dezelfde behoeften. Dat bij elkaar plaatsen werkt heel goed. We kunnen daarmee ook veel betekenen voor mantelzorgers en een bijdrage leveren aan dementiezorg.”

Ondertussen is Annemarie nog steeds betrokken bij een ontwikkelingsproject voor kleuters en hun ouders. Daarnaast bezoekt ze van mensen met dementie. Verder volgt ze pianolessen, ze doet een vogelcursus en zit op yoga. Druk, druk, druk zou je zeggen. Annemarie lacht: ,,Ach, ik weet wat hard werken is, dat leer je wel met een gezin met vijf kinderen en een baan. Daarbij helpt discipline mij en… ik kijk bijna geen tv.”

ONDERWERPEN

In Beeld

Meer lezen over stad

REACTIES