Martijn over…doen alsof

Dinsdag 3 oktober 2017

Door Martijn de Frankrijker

Ellis Peeters

Even vraag ik me af of hij op pauze is gegaan. Hij beweegt niet meer. Een mens. Vlees en bloed, zo één. Midden in z’n zin houdt hij op. Bevriest. Hij zei dat ‘ie het ging doen. Dat ik hem uit zijn concentratie moest proberen te halen. Hij kondigde het aan en toch is het vreemd. Eerie , zouden de Engelsen het noemen. Er zijn geen Engelsen om dat te doen. Ik ben de enige hier. Met een man die niet meer beweegt. Nu mag ‘ie wel ophouden. Dat zeg ik. Hij doet het niet.

Twee minuten later ben ik het die voor zich uit zit te kijken. Niet naar iets specifieks. Dat heeft hij ook gezegt. Niet naar iets kijken. Dan hou je het nooit vol. En niet knipperen. Vooral. Niet. Knipperen. Dan is de hele illusie weg. Hij probeert me te leren hoe ik een levend standbeeld kan zijn. Hoe ik even niet ik ben, maar gewoon een hoop atomen die heel weinig doen. Ik denk terug aan mijn pubertijd. Toen was ik daar nog heel goed in.

Tegenwoordig kan ik dat minder goed; stilzitten. Vaak betekent dat dat ik om de tien seconden op m’n telefoon kijk en soms betekent het dat ik dingen ga proberen. Zoals nu. De beste man leert me om een levend standbeeld te zijn, omdat ik over twee weken een theaterstuk(je) ga opvoeren waarin ik een deel van de tijd een levend standbeeld moet zijn. En daarom ben ik nu heel druk met niet knipperen. Heel druk met doen alsof.

Plots schrik ik op. Doen alsof. Doen we dat niet al heel veel? ,,Alles lekker?” ,,Jah joh, álles lekker.” of ,,Nog lekker druk?” ,,Ja. Druk, druk, druk.” Doen alsof. Dat kunnen we allemaal heel goed. Alleen nu moet ik doen alsof ik niets doe.

Prima. Alleen…hoe check ik dan m’n telefoon?

Onze nieuwsbrief

Elke maandag ons nieuws in de mail?

Meer lezen over stad

REACTIES

Elke maandag ons nieuws in de mail?